R. Rutjens _ 11-11-18 _ Rust roest
Het buitenseizoen is afgelopen. Er zijn nog een stel mencollega’s die indoors rijden, maar de meesten zijn klaar met de wedstrijden en moeten aan de andere kant zien te komen. Daarmee bedoel ik dat ze moeten zorgen dat de paarden in april, als het seizoen weer begint, er zo optimaal mogelijk klaar voor zijn.
Hoe ga je daarmee om? Ik ben van mening dat rust roest. Er zijn gevallen
dat de paarden een paar maanden worden stilgezet en dat is slecht voor
de ze. Sommigen zetten de paarden zelfs drie maanden in de wei, maar
daar haal je dan na die lange rusttijd een bij wijze van spreken oud
paard weer uit. Met wedstrijdpaarden ben je dagelijks intensief bezig.
Als je daar ineens niets meer mee doet, worden ze niet blij. Je moet ze
bezighouden.
Ik train de paarden eerst een beetje af. Dan maak ik buitenritten,
waarin ik niet de puntjes op de i probeer te zetten, maar waarin de
paarden hun hoofd leeg kunnen maken en de pezen op de harde weg sterker
worden. Op de straat kun je overigens veel beter trainen dan heel veel
menners denken. Ik heb het dan over bijvoorbeeld tempowisselingen en op
eigen benen laten lopen.
Het leuke aan een menpaard is dat je veel verschillende dingen kunt
doen. Die afwisseling is goed voor ze. Je kunt ze longeren, onder het
zadel trainen, in het enkelspan, tweespan. En veel buiten rijden; leuke
dingen doen.
Een bijkomend voordeel aan het wat rustigere winterseizoen is ook dat je
wat meer de tijd hebt om nieuwe paarden te proberen en te kijken wat
goed bij elkaar past. In januari moet je dan toch wel weten wat je kunt
gaan doen en waar je mee verder wil.
Dan begin ik toch snel, in januari, weer met optrainen. In de training
moet je meer van de conditie van de paarden vragen dan dat je tijdens de
wedstrijden nodig hebt. Om het in percentages uit te drukken: tachtig
procent tijdens de training en zeventig procent tijdens de wedstrijden.
De meesten denken dat je op een wedstrijd moet pieken, maar ik ben van
mening dat dit tijdens de training moet, zodat de paarden op een
wedstrijd overhebben om alles te kunnen geven. Als een paard conditie
over heeft, kan het goed meedenken. Als ze moe zijn, kunnen ze niet
denken. Daarbij komt dat op een wedstrijd de spanning voor een paard ook
hoger ligt dan tijdens de training. Er is bijvoorbeeld van alles te
zien. Ook daarom is het belangrijk dat ze over hebben.
Ik kies bewust voor januari, zodat je er dan in april echt weer klaar
voor bent. In veel winterseizoenen heb je de pech dat er dagen bij
zitten dat je niets kunt. Daar moet je rekening mee houden. Als de
paarden bij aanvang van het seizoen weer helemaal op niveau zijn, hoef
je in het wedstrijdseizoen niet meer te doen dan onderhouden. Van
tevoren de lat omhoog, betekent dat je het gemakkelijker hebt in het
seizoen zelf.
Riny Rutjens, tweespanrijder
Deze column verscheen vrijdag 18 november 2011 in De Paardenkrant
| |
|
reacties
Er zijn nog geen reacties





