11-07-08 'Wij zien niets in keuring onder het zadel'

Werner Schadedoor dr. Werner Schade
Het Oldenburger stamboek maakte onlangs bekend dat zij wijzigingen willen aanbrengen in de hengstenselectie. Zo willen ze de keuring verplaatsen van het najaar naar het daaropvolgende voorjaar zodat de hengsten onder het zadel beoordeeld kunnen worden.  De reden dat het Oldenburger stamboek deze verandering wil aanbrengen, is dat zij vinden dat de aanleg beter te beoordelen is onder het zadel en dit meer informatie over de aanleg van de paarden verschaft aan zowel de keuringscommissie als de fokkers. Wij voelen op dit moment niet veel voor een keuring onder het zadel en dat heeft meerdere redenen.

Het belangrijkste doel van de hengstenkeuring is de fokkerijselectie. Het is belangrijk dat bij die selectie alleen wordt gekeken naar de natuurlijke aanleg van de paarden. Dat kan het beste in vrijheid worden gedaan. Een heel handige ruiter kan een paard dusdanig voorstellen dat hij meer laat zien dan zijn natuurlijke aanleg. Door een minder kundige ruiter kan een hengst onder zijn kunnen presteren. Dat kan niet de bedoeling zijn. Hierdoor wordt namelijk deels de kundigheid van de ruiter beoordeeld en niet alleen de natuurlijke aanleg van de hengst. Daarmee is de fokkerij niet geholpen. De fokker krijgt de ruiter die de hengst voorstelt op de hengstenkeuring er immers niet bij.

Een tegenargument kan zijn dat door het stamboek aangewezen testruiters worden gevraagd en dat alle hengsten onder dezelfde omstandigheden met ruiters die even kundig zijn, worden voorgesteld. Dat gaat echter niet helemaal op, want de paarden die door heel handige ruiters zijn voorbereid op de keuring zullen nog op die invloed lopen en niet op de invloed van de testruiter die er tijdens de keuring eventjes op zit. Precies om die reden duren verrichtingstesten ook minstens 30 dagen. Die tijd is minimaal nodig om paarden op de invloed van de testruiters te laten lopen en onder gelijke omstandigheden te laten presteren en hun aanleg te tonen.

Voorwaardelijke goedkeuring
Een ander punt dat in Oldenburg op de agenda staat, is de voorwaardelijke goedkeuring van hengsten op de hengstenkeuring. Dat houdt in dat de hengsten pas na een succesvol afgelegde verrichtingstest tot de fokkerij worden toegelaten. Eigenlijk precies zoals bij het KWPN. In mijn ogen is dat ook geen goed plan: de Duitse fokkerij put haar kracht juist uit de vrijheid die wij de fokkers bieden. De selectie in Nederland is inderdaad strenger en dat werpt vruchten af, maar aan de andere kant zijn het de fokkers die het succes van een stamboek maken. Daarom is een beetje vertrouwen in die betreffende fokkers zeker een voorwaarde om een stamboek succesvol te laten zijn.

Misschien worden in Duitsland hengsten wel wat sneller gekeurd dan in Nederland. Maar een hengst die na zijn keuring een slechte verrichtingstest aflegt en slechte veulens brengt, zal de jaren daarop echt niet enorm veel merries aangeboden krijgen. De fokkers zijn niet op hun achterhoofd gevallen en winnen in de meeste gevallen voldoende informatie in om weloverwogen keuzes te maken.

In het verleden is gebleken dat juist de fokkers die hun eigen plan trekken en niet altijd de horde achterna lopen, het meeste succes hebben. Ik vind dat ze ook de vrijheid moeten hebben om hun eigen plan te trekken.

Welzijn
Het Oldenburger stamboek ziet de zadelkeuring op een later tijdstip als een gunstige ontwikkeling voor het welzijn van de hengsten. Ik weet niet of dat direct zo is. In sommige gevallen is het zeker goed om paarden meer tijd te gunnen, maar aan de andere kant is er voor een keuring onder het zadel veel meer voorbereiding nodig dan voor een keuring aan de hand en in vrijheid. De paarden moeten eerst zadelmak worden gemaakt en al flink wat kilometers onder het zadel hebben afgelegd om op een zadelkeuring tot een zo goed mogelijke prestatie te komen.

Daarnaast bieden de meeste stamboeken al de mogelijkheid om paarden op een later tijdstip aan te bieden. Ik denk dat hengsteneigenaren de vrijheid moeten hebben om te beslissen of een hengst op 2,5-jarige leeftijd de keuring aankan of dat hij meer tijd nodig heeft. Het is niet nodig om als stamboek de hele keuring op te schorten.

Ik wil nog wel kwijt dat het zeker moedige stappen zijn van het Oldenburger stamboek en dat dit concept zich in de toekomst moet gaan bewijzen. Voordat dat is gebeurd, blijf ik sceptisch over de voorstellen.

Dr. Werner Schade is fokkerijleider van het Hannoveraanse stamboek.
Deze opinie verscheen vrijdag 8 juli 2011 in De Paardenkrant


Reageer Reageer Stuur door Stuur door Afdrukken Afdrukken




reacties

Er zijn nog geen reacties

voordelig abonnement