Vaccineren tegen tetanus
Tetanus wordt veroorzaakt door de bacterie Clostridium tetanie. Een infectie ontstaat vaak na een ernstige verwonding. De ziekte kan een dodelijke afloop hebben.
Kramptoestand
In een diepe wond gaat de bacterie zich vermeerderen en een toxine (gifstof) produceren woordoor in de spieren over het hele paardenlichaam kramp ontstaat. De incubatietijd bedraagt ongeveer 7-10 dagen. De ziekte uit zich meestal in stijfheid in de kauwspieren, die zich uitbreidt naar de spieren van het hoofd, hals en benen. Hierdoor ontstaat een kramptoestand waarbij dieren kunnen omvallen. Als de kramp zich uitstrekt naar de tussenribspieren zal het paard aan verstikking sterven.
Enting
Veel paarden in Nederland worden jaarlijks, tegelijk met de influenza-enting, ingeënt met een tetanusvaccin. Bij het vaccineren worden antigenen van de verwekker ingespoten zodat het paardenlichaam zelf antistoffen aanmaakt, deze bieden minimaal een jaar bescherming. Na een enting heeft een paard ongeveer 14 dagen nodig om weerstand op te bouwen.
Serum
Een tetanusserum daarentegen werkt onmiddellijk en is een vorm van passieve immuniteit, hierbij worden antistoffen ingespoten. Het lichaam maakt deze zelf niet aan, de bescherming is daardoor van kortere duur omdat de antistoffen vanzelf uit het bloed verdwijnen. Een serum kan in acute noodgevallen worden gebruikt, als blijkt dat een paard onvoldoende gevaccineerd is tegen tetanus.
Preventie
Het is verstandig om de energie te richten op het voorkomen van een tetanusinfectie. Dit kan door de merries goed te vaccineren, zodat de veulens tot zes maanden beschermd zijn tegen tetanus. Vanaf zes maanden zijn de veulens zelf te vaccineren. Alle paarden die volgens het normale schema zijn gevaccineerd lopen in principe geen risico.
| |
|
reacties
Er zijn nog geen reacties





