11-09-21 Hippisch onderwijs mist lef om stappen te zetten
door Wilfred Franken
Al het al het gepraat over het opleiden van onze toekomstige medewerkers in de paardenwereld; ik krijg er een punthoofd van. Als directeur van de FNRS word ik iedere dag weer geconfronteerd met het logge systeem van ons hippisch onderwijs.
Dikke kwalificatiedossiers liggen klaar voor iedere hippische opleiding. De overheid heeft maatregelen ingesteld die goed onderwijs niet stimuleren, maar tegenwerken. Na een aantal jaren volop met elkaar in discussie te zijn gegaan, weten we inmiddels heel duidelijk wat we als hippische sector nodig hebben. Alleen zie ik bij het onderwijs geen ontwikkelingen die erop wijzen dat we de goede kant opgaan.
Versnippering
Ik ben van mening dat er een aantal zaken spelen. Als eerste punt wil ik het aantal hippische opleidingen noemen dat in de afgelopen jaren het licht heeft gezien. Versnippering ten top. In mijn beleving levert dat niet alleen niets op maar kost het ook nog eens handen vol geld. Geld dat beter gebruikt kan worden om het onderwijs te stimuleren en zodanig te veranderen dat kwalitatief goed personeel van school komt en de handen uit de mouwen kan steken in het hippische bedrijfsleven.
Als tweede punt vind ik het een slechte zaak dat de overheid als regel heeft gesteld, dat geen leerling geweigerd mag worden aan de poort van de school. Inmiddels is genoegzaam bekend dat werken in de hippische branche totaal verschilt van werken in de overige agrarische sectoren. Je hebt niet alleen te maken met de dieren, maar ook direct met de consument. Dat vraagt naast het managen en verzorgen van dieren en stalwerkzaamheden ook om didactische vaardigheden, communicatieve vaardigheden en bedrijfseconomische vaardigheden. Bovendien vereist het een dusdanig flexibele instelling zodat je snel kunt schakelen bij maatschappelijke veranderingen. Daarnaast vraagt het werken met paarden ervaring en horsemanship. Je bent verantwoordelijk voor de veiligheid van jouw klanten, ruiters en bezoekers op jouw bedrijf. Naast dit alles is het lichamelijk zwaar werk met onregelmatige tijden.
Problemen
Ik heb namens de FNRS zitting in Aequor. Binnen Aequor wordt het beroepsonderwijs afgestemd op de arbeidsmarkt via zogenaamde beroepscompetentieprofielen en kwalificatiedossiers. Veranderingen aanbrengen in deze profielen en dossiers is een moeizaam proces. Toch hebben wij het voor elkaar gekregen dat het kwalificatiedossier voor mbo-niveau twee gedeeltelijk is aangepast, waardoor de opleiding beter aansluit op de doelgroep. Toch zie je de volgende vier problemen ontstaan: Het leerbedrijf is zich niet bewust dat zij onderdeel zijn van het opleidingstraject; De kwalificatiedossiers sluiten onvoldoende aan op het bedrijfsleven; Het instroomniveau van de student wordt ieder jaar lager; En als vierde is het onvoldoende duidelijk waar de student voor wordt opgeleid. Daardoor wordt binnen de sector geen onderscheid gemaakt op welk niveau bijvoorbeeld de instructeur de opleiding volgt.
Op dit ogenblik zijn er binnen de opleidingen twee stromingen: het mbo-onderwijs en de ORUN-opleidingen. Het mbo biedt, naast de sporttechnische vakken, eveneens algemene vakken aan. De ORUN is vooral gericht op de sporttechnische vakken.
Wij, als belangenbehartiger van bij de FNRS aangesloten hippische ondernemers, zien graag een optimale samenwerking tussen ondernemers, sport en onderwijs. Ik denk dat een instructeuropleiding zo divers moet zijn dat het aansluit bij zowel de wensen vanuit de ondernemers, als de sport. Daarin hoort geen verschil in opleiding te zijn. Wij zijn er voorstander van dat de specifieke paardensportvakken op mbo-scholen worden gegeven door ORUN-gecertificeerde docenten. Leerlingen die een opleiding willen volgen in de paardenhouderij of paardensport moeten minimaal in het bezit zijn van een ruiter- en/of menbewijs.
Zieltjes winnen
Het partnership tussen KNHS en FNRS dat tijdens het Ondernemerscongres op Horse Event is aangekondigd door de beide voorzitters, kan een belangrijke stap zijn om gezamenlijk druk te zetten op het onderwijs en de overheid. Het onderwijs moet stoppen met het winnen van zieltjes die de schoolbanken vullen, maar kiezen voor het afleveren van kwaliteit. Ik vind dat het tijd is dat onderwijs, sport en bedrijfsleven kleur bekennen. De tijd van praten is voorbij, we moeten bewegen!
Wilfred Franken is directeur van de FNRS.
Deze opinie verscheen woensdag 21 september 2011 in De Paardenkrant.
| |
|
reacties
Oké meneer Franken, maar hóe moeten we nu verder?
Schijnbaar hebben de ORUN-gecertificeerde docenten en Deurne-instructeurs ook niet de know-how in huis?
Wat moeten we doen om de huidige instructeurs naar een hoger niveau te brengen?
Men leert het meest in de praktijk, niet in de schoolbanken.
Waarom geen trainingsdagen organiseren?!
Deze trainingsdagen zouden georganiseerd en gesponsord kunnen worden door organisaties als bijv. de FNRS, de KNHS, maar ook het KWPN en elke andere organisatie die er baat bij heeft dat paarden beter gereden gaan worden en instructeurs naar een hoger niveau gebracht gaan worden.
Vervolgens zou de overheid deze trainingsdagen kunnen subsdiëren, hetgeen een stuk goedkoper én efficienter zal zijn.
Niet laten organiseren door particuliere organisaties zoals de Academy van fam. Bartels, want dan wordt het veel te duur zoals we nu ook zien bij het Global Dressage Forum.
Het gaat er juist om dat het betaalbaar is voor iedereen.
Nodig mensen uit als Henk Nooren, Albert Voorn, Henk van Bergen, maar vooral ook vakmensen uit het buitenland, zoals een Peter Holler, een Nelson Pessoa of een Ferdi Eilberg of Carl Hester.
Dat zou betaald moeten worden uit sponsorgelden en overheidssubsidie.
De huidige, geregistreerde instructeurs zouden verplicht moeten zijn en aangemoedigd moeten worden tot het volgen van deze trainingsdagen en zouden ook voorrang moeten krijgen.
Voor mensen die in een familiebedrijf meewerken en van daaruit de instructeursopleiding volgen, is het ook gemakkelijker om "even" voor een dag weg te zijn. Zij zouden evt. korting van zo'n 20% of 25% kunnen krijgen op deze dagen.
Zo zouden zij bijv. "credits" kunnen verdienen, die benodigd zijn om hun opleiding af te ronden.
Dus kortom:
In samenwerking, gesponsord én gesubsidieerd, via deze trainingsdagen instructeurs naar een hoger niveau brengen.
Dát moet een goede stal zijn. Leren doe je in de praktijk.
Gekwalificeerde instructie is leuk, maar de beste vakjatten hebben meestal zelf geen diploma, gek genoeg.
Het valt of staat met de mensen die jou trainen in dressuur én springen en jou lesgeven in lesgeven.
Goede consulenten, échte vakmensen, zouden deze bedrijven moeten controleren op onaangekondigde tijdstippen. Deze mensen zouden daar goed betaald voor moeten worden.
Geef vervolgens dit soort stallen een keurmerk.
Leg de lat hoog dan zal het kaf zich vanzelf van het koren scheiden.
De weg voorwaarts zou moeten zijn:
Leren bij vakjatten!
Bij vakmensen uit de praktijk die de instructeur in spé een "gereedschapskist" meegeeft. Voor álle disciplines zou de richtlijn het Scala der Ausbildung" daarbij moeten zijn. Geen omstreden trainingsmethoden, maar gewoon het Scala.
In Ierland (en ook Engeland) geven mensen als Peter Holler, Ferdi Eilberg, Conrad Schumacher en Gisela Holstein en anderen trainingscursussen die financieel zéér aantrekkelijk zijn voor de gewone man!
Ook dát is onderwijs!
Het is een schande dat een kaartje voor het Global Dressage Forum 665,00 euro moet kosten...!
Dus alleen weggelegd voor de mensen met een vette bankrekening.
Carl Hester, Charlotte Dujardin en Nathalie zu Witgenstein geven er een clinic. Dat is bijzonder interessant. Gewoon hier in Nederland,...maar niet voor de gewone man.
Uiteraard geldt datzelfde voor sollicitanten voor een vaste baan. Natuurlijk is het zonde dat driekwart van de afstudeerders in no time in de supermarkt werkt, maar ook bij (goede) opleidingen in andere branches zie je dat soort verschijnselen, vooral als er geen toelatingsbeleid is. Survivel of the fittest.
Een goede opleiding en een Aequor doen er verstandig aan zelf af te stemmen op de markt, zodat er zo weinig mogelijk 'waste' is. Daar heb je geen rapporten van de overheid voor nodig.
Aan de andere kant vind ik het ongepast een kind van 17 zonder ervaring 60 uur aan het werk te zetten, al drie uur laten buffelen voordat ik mijn bed eens uitkom of hem of haar in een oude caravan of juryhok te laten slapen. Vooral als dat is omdat het altijd zo was of omdat ik anders als ondernemer mijn hoofd niet boven water kan houden.
We kunnen dus klagen over het onderwijs, de instelling van de student, zijn competenties of het besef van de aanstaande werkgever, maar binnen elk van deze partijen komen we een breed scala aan verschillende behoeften en doelstellingen tegen. Ik hoef geen paardenmeisje of paardenjongen die is opgeleid volgens een beproefd model voor allen. Ik zoek liever iemand die mij past en die ik zelf verder kan opleiden. Als ik een goede ruiter nodig heb, zoek ik die niet op een MBO, heb ik een goede groom nodig dan zoek ik die niet bij de ORUN, dus nee, voor mij geen gecentreerde opleiding waar iedereen een ruiterbewijs heeft.
En ze zijn om de haverklap ziek of niet lekker en dan bellen ze maar af om te komen, ja echt ziek is ziek maar als je de dierenwereld in wil moet je nou eenmaal door, die beesten bijten niet op een houtje.
En ik heb er al bij gehad die gewoon zeggen "het weekend is van mij daar blijven ze vanaf "dan vraag ik me echt af wat ze op een opleiding doen die met verzorging van dieren te maken heeft.
Ook ik heb stage gelopen in de paardenbranche en dat was toen niet altijd heel reeel want ik draaide op mijn 17e al 60 uur in de week dus ik kan me voorstellen dat ze dat willen voorkomen maar ik ben er niet slechter van geworden. En wij hadden toendertijd 22 vakken waaronder ook didactiek maar ook bv toilleteren, een klant van mij heeft de sportklas gedaan maar ze kan niet eens toilleteren of longeren.
Daarnaast vind ik wel dat ze mensen mogen weigeren, in het verleden hadden ze de toelatingsweek die mag best weer terug, af en toe krijg ik de indruk dat papa centen heeft en dochterlief wil voor de hobby met paarden bezig zijn om het zo maar even zwart wit te stellen.
Voordat er fatsoenlijke opleidingen kunnen komen moeten er ook 'fatsoenlijke' docenten worden opgeleid voor deze arbeidsmarkt





