Groot artikel over paardensector in FD met Johan Heins, Jan de Mooij en Tim Lips

De paardensport is een van Nederlands grootste exportproducten, vooral de Aziaten weten ons te vinden. Op FD.nl is een interview te lezen met eventingruiter Tim Lips, CHIO-directeur Jan de Mooij en springpaardenhandelaar Johan Heins over de sport, sponsordeals, cultuurverschillen en de handel. “Een wedstrijdpaard kostte twintig tot dertig jaar geleden tussen de vijftig- en honderdvijftigduizend gulden, nu wordt er soms vijf miljoen euro voor neergelegd.”

In de hippische sport gaat in Nederland jaarlijks bijna twee miljard euro om, slechts honderd miljoen minder dan in het betaald voetbal. “Het is een van onze grootste exportproducten, groter dan bloembollen en melkpoeder”, vertelt Jan de Mooij.  Azië is de nieuwe markt in de paardensport, jaarlijks vliegen 14.000 paarden vanuit Nederland naar China. Ook het Midden-Oosten is een opkomende markt, paardenraces waren er altijd al populair, maar nu komt de springsport er ook op. De Mooij onderzoekt of een van de golfmaatschappijen het CHIO Rotterdam wil sponsoren. “Natuurlijk zijn er culturele verschillen. In Europa rijden veel jonge vrouwen paard. Een ambassadeur uit de Arabische wereld vroeg of het klopt dat vrouwen hun maagdelijkheid kunnen verliezen als ze paardrijden. Toen stond ik wel even met mijn mond vol tanden.”

CHIO Rotterdam in topdrie evenementen

Dit jaar en in 2018 zal het CHIO Rotterdam ook een repetitie zijn voor het FEI European Championships, dat in 2019 in het Kralingse Bos wordt gehouden. De Mooij heeft er met zijn team hard voor gelobbyd. “Na dertig jaar hebben wij eindelijk weer een EK springen in Nederland. Daar ben ik trots op.” Het CHIO Rotterdam behoort met het KLM Open en het ABN Amro World Tennis Tournament tot de drie grootste ‘hospitality-evenementen’, sportevenementen met een netwerkfunctie, van Nederland. Het trekt jaarlijks 50.000 bezoekers, waarvan 30.000 vertegenwoordigers van nationale en internationale bedrijven. Toch is het geen appeltje-eitje om de miljoenen euro’s sponsoring die nodig zijn, binnen te halen. “We werken er met een team van vijftien mensen het hele jaar aan.”

Verstandelijke beperking

Door de verstandelijke beperking van de middelste dochter van Jan de Mooij kwam hij in aanraking met de paardensport. De Mooij en zijn vrouw gingen op zoek naar activiteiten die de ontwikkeling en het zelfvertrouwen van hun dochter konden stimuleren. Een daarvan was paardensport. ‘Ze begon met een pony, daarna kwam het paard. Door deze dieren maakte ze een enorme ontwikkeling door. Ze is nu 21 jaar, heeft een hbo-opleiding afgerond en rijdt in het talententeam van Zuid-Holland’, zegt De Mooij trots. Uit dankbaarheid wilde hij iets terugdoen. In 2011 werd hij bestuurslid bij het CHIO Rotterdam. Sinds 2014 is hij algemeen directeur.

Sponsordeal

Ook Tim Lips weet wat het is om de commerciële kant van de paardensport te bekijken. Een jaar geleden gingen drie Brabantse bedrijven, Bavaria 0.0, Haegens Kraanverhuur en Van Kessel Olie, Lips en zijn team sponsoren. “Zij hielpen mij op weg naar de Olympische Spelen van Rio.” Bavaria wilde daarna van Lips weten waar de Nederlandse eventingsport behoefte aan had. “Meer kansen voor talentvolle ruiters”, was zijn antwoord. “Veel jonge Nederlandse eventingruiters hebben de potentie bij de wereldtop te horen, maar niet de financiële middelen.”

Zijn wens betekende de start van het eerste commerciële team in de geschiedenis van de paardensport. In ruil voor sponsoring krijgt de bierbrouwer een directe verbinding met de sporters en kan die de aanloop naar Tokio op de voet volgen. Via sociale media neemt het team zijn volgers mee op weg naar Tokio. Lips, die na Rio nog niet wist of hij wilde doorgaan als topsporter, heeft zijn motivatie hervonden.

‘Nu wordt er soms vijf miljoen neergelegd’

Ook Johan Heins werd geïnterviewd door het FD en vertelt over de handel. “Een wedstrijdpaard kostte twintig tot dertig jaar geleden tussen de vijftig- en honderdvijftigduizend gulden, nu wordt er soms vijf miljoen euro voor neergelegd.”

Ondanks Heins’ zeer ervaren oog als het om springpaarden gaat, heeft hij nooit de garantie dat het paard dat hij aankoopt aan de verwachtingen voldoet. “Aan de manier van bewegen en springen en aan de snelheid en de techniek­ kan ik veel zien, maar het karakter is ook belangrijk. Het ene paard wil graag meewerken en is redelijk volgzaam, het andere heeft meer temperament en is opstandiger.”

De kracht van een goede handelaar is volgens Heins dan ook het juiste paard te koppelen aan de juiste ruiter. Een mismatch komt maar heel af en toe voor. “Dan koop ik het paard terug en ga ik op zoek naar een andere ruiter, die beter past.”

Lees het hele artikel op FD.nl

Bron: FD.nl

Reageer
Discussie zien we graag op Horses, maar wel met respect voor elkaar. Wij vragen daarom om onder volledige naam te reageren. Reacties zonder naamsvermelding kunnen zonder opgave van reden worden verwijderd. Om de toegankelijkheid en leesbaarheid van de discussie te bevorderen geldt een maximale reactielengte van 250 woorden. Lees hier alle voorwaarden.
3 reacties op Groot artikel over paardensector in FD met Johan Heins, Jan de Mooij en Tim Lips
  1. 1

    Dat er tegenwoordig enorm veel geld gemoeid is met de paardensport is positief voor de mogelijkheden die dat biedt. Het nadeel ervan is dat de sport daarmee wel steeds meer richting een elitesport gaat waar alleen nog zij die veel geld achter zich hebben de sport op hoger niveau kunnen beoefenen.

    Nu al ben je voor bijvoorbeeld een CSI1* per paard minstens 400 euro kwijt. Dat is voor veel mensen niet meer op te brengen. Bedenk dan vooral dat dat soort concoursen als CSI1 en CSI2 voorheen gewoon nationale concoursen waren waar je per paard maximaal 100 euro kwijt was. En het prijzengeld is in die 30 jaar voor de klassen tot en met 1.40 echt niet beter geworden. 30 jaar geleden won je gemiddeld €300 voor een 1.40 rubriek en tegenwoordig is dat gemiddeld niet meer.

    De verhoudingen zijn wat dat betreft compleet scheef gegroeid en worden de ruiters in de klassen tot 1.40 vooral gezien als de melkkoetjes die moeten betalen voor de klassen vanaf 1.40.
    Daar moet echt iets aan gedaan gaan worden want anders voorzie ik dat de startlijsten op dat soort concoursen alleen nog maar gevuld worden op basis van de inhoud van de beurs en niet op de kwaliteit van ruiter/paard.

  2. 2

    Precies Marcel

  3. 3

    Spijker op z’n kop. En nog even en dan geld dat ook voor de landelijke wedstrijden.
    Het inschrijfgeld en prijzen geld is al los gelaten. BELAGGELIJK!!