Ga naar hoofdinhoud

Stelling: Het wordt tijd voor een opleiding Sportpaardenfokkerij

Van: Paardenkrant-Horses.nl
Aan: Bettina Dirksen, Cor Loeffen, Hans van Tartwijk

De paardenfokkerij professionaliseert steeds meer. Steeds vaker wordt de fokkerij van (top)sportpaarden een serieuze bezigheid. Meer dan alleen een hobby. Wordt het -gezien deze ontwikkeling- niet tijd voor een opleiding Sportpaardenfokkerij en hoe zou zo’n opleiding er dan uit moeten zien?


Van: Bettina Dirksen

Ik ben het niet eens met de stelling. Ik denk dat een opleiding voor sportpaardenfokkerij wat te ver gaat en daarbij denk ik dat je met een dergelijke fulltime opleiding de verkeerde mensen aantrekt. De fokkerij leer je niet uit een boekje.

Wel vind ik het heel belangrijk dat er geïnvesteerd wordt in de kennisoverdracht en is het heel belangrijk dat de fokkerij toegankelijker wordt gemaakt. Met dat idee zijn we destijds ook begonnen met JongKWPN. Op dat punt is nog steeds veel te winnen. Er moet meer geïnvesteerd worden in de jeugd. De fokkerij wordt gedomineerd door mensen boven de vijftig. Dat is ook logisch, omdat het eigenlijk een leven lang duurt om een goede fokkerij op te bouwen.

Daarbij is er natuurlijk ook nog het financiële plaatje. Maar voor weinig jonge mensen is het weggelegd om serieus met de fokkerij bezig te zijn omdat het een dure hobby is. De groep fokkers onder de vijftig is beduidend kleiner dan de groep daarboven.

Dat is niet erg, maar ik ben bang dat er veel kennis verloren gaat als we niet wat meer investeren in de jeugd en de kennisoverdracht van oud naar jong. In mijn ogen ligt daar een taak voor de stamboeken en overkoepelende organisaties – en dan niet alleen het KWPN. Ook de KNHS kan wat doen. Zij kunnen jonge paardensporters meer betrekken bij de fokkerij door de verbinding tussen sporters en fokkers te leggen.

Een zorgelijke ontwikkeling vind ik ook de versmalling van de fokkerij. Door allerlei nieuwe technieken zoals onder andere embryotransplantatie kunnen fokkers met een hele dikke portemonnee bij één merrie misschien wel zeven veulens in één jaar bij een merrie fokken. Daar kan een jonge fokker die net begint niet tegenop boksen. Fokken moet ook aantrekkelijk blijven voor mensen die niet gebruik kunnen maken van dergelijke technieken. Om jonge mensen ook aan het fokken te krijgen is het zaak om de fokkerij breed te houden en het geen elitaire wereld te laten worden.

Op deze plaats zou ik ook graag nog een paar adviezen geven aan jonge fokkers. De succesvolle fokkers zijn vaak mensen die hun eigen weg volgen en experimenten durven uit te voeren. Dat wil ik jonge fokkers ook op het hart drukken. Durf zelf na te denken en je eigen keuzes te maken.

Daarbij is doorzettingsvermogen misschien wel het belangrijkste in de fokkerij. Goed fokken duurt een leven lang. Men zegt altijd dat het karakter van het paard de belangrijkste succesfactor is, maar dat geldt in mijn ogen net zo goed voor een fokker. Een fokker moet blijven doorzetten, ook daar waar anderen ophouden.

Het zou goed zijn als ze dat soort zaken horen van ervaren fokkers en dat ze in gesprek kunnen komen over hoe het deze oudere fokkers vergaan is in hun leven. Dat gebeurt nu absoluut te weinig.

Bettina Dirksen zat in het eerste bestuur van JongKWPN en was nauw betrokken bij de oprichting. Daarnaast is ze hobbymatig fokster van springpaarden.


Van: Cor Loeffen

Ik ben het niet eens met de stelling. De fokkerij leer je in de praktijk en niet uit een boekje. Wel vraag ik me af of alle fokkers genoeg gebruik maken van de informatie die beschikbaar is. Door alle moderne technieken kunnen fokkers aan enorm veel informatie komen. Onder andere via de KWPN-database Mijn.KWPN, maar ook bijvoorbeeld de rankings van Horsetelex Results. Ik zou wel eens willen weten hoeveel fokkers daar actief gebruik van maken en misschien moeten we ook meer doen om te zorgen dat de fokkers op de hoogte zijn van deze informatie.

Ik zelf kijk wel minstens een twee keer per week naar de Horsetelex-rankings omdat die gegevens in mijn optiek heel belangrijk zijn voor de fokkerij. Het legt een directe verbinding tussen de sport en de fokkerij en vanuit mijn werk als voorzitter van de hengstenkeuringscommissie probeer ik daar dan ook naar te handelen. Fokkers zouden ook veel kunnen doen met de informatie die beschikbaar is.

Ook denk ik niet dat de fokkerij het moet hebben van de kleine groep professionele fokkers. Voor een grote groep fokkers is fokken een hobby en deze groep is binnen het KWPN een belangrijke groep die er mede voor gezorgd heeft dat het stamboek in de wereld van sportpaarden een toppositie heeft.

De vraag naar goede sportpaarden wordt alleen maar groter, het is belangrijk dat een fokker de kwaliteiten van zijn eigen merrie goed inschat, de gegevens van de stamboekkeuring, een IBOP- of EPTM-test en de resultaten op wedstrijden kunnen hem daarbij belangrijke informatie geven. De gegevens van de KWPN database geven waardevolle informatie over fokproducten uit de moederlijn van de merrie. Met deze gegevens en fokkersgevoel is het maken van juiste hengsten keuze niet altijd makkelijk maar maakt de fokkerij wel interessant.

Natuurlijk ben ik niet tegen kennisoverdracht, maar ik geloof niet dat daar een opleiding voor nodig is. Als fokkers nieuwsgierig zijn en serieus bezig met de fokkerij kunnen ze aan heel veel informatie komen. Niet alle informatie is vanachter een scherm te vinden in databases en rankings. Daarom blijft het in mijn ogen ook belangrijk om zoveel mogelijk in het veld te zijn voor een fokker. Op KWPN-evenementen maar ook op wedstrijden.

Op KWPN-evenementen probeer ik als hengstenkeuringscommissie-voorzitter en jurylid de fokkers ook voorlichting te geven. Ik probeer uit te leggen waarom we een bepaalde hengst of merrie bovenaan zetten en daarmee is dat eigenlijk al een soort college.

Cor Loeffen is voorzitter van de hengstenkeuringscommissie springen bij het KWPN. Hij was voorheen jarenlang verbonden aan de NHB Deurne als docent. Hij was in zijn jonge jaren actief als springruiter, vooral als opleider van jonge paarden. Onder meer Olympiade-paarden San Patrignano Dorina en Cinto werden door Loeffen opgeleid.


Van: Hans van Tartwijk

Ik sluit me aan bij Bettina Dirksen en Cor Loeffen. Beroepsopleidingen zoals het HBO (Hoger Beroeps Onderwijs) en MBO (Middelbaar Beroeps Onderwijs) leiden – zoals de naam als zegt – op voor een beroep. Een specifieke opleiding voor de paardenfokkerij gaat dan wat ver. Wel vind ik dat de bestaande opleidingen paardenhouderij de taak hebben om de paardenfokkerij duidelijk, actueel en praktijkgericht mee te nemen in hun curriculum.

Veel fokkers zijn van nature wat eigenwijs, met een eigen visie op wat een goed paard is. Dat is goed natuurlijk maar er is tegenwoordig meer om rekening mee te houden. De fokkerij is meer marktgericht geworden en onze klanten, de topruiters, zitten tegenwoordig over de hele wereld. We moeten die markten goed kennen en weten wat er gevraagd wordt. Dat vraagt kennis van communicatie en marketing.

Voorop staat natuurlijk om een goed product, een toppaard, te leveren. Om dat te kunnen blijven doen, is het inpassen van nieuwe kennis en technieken een must. In de fokkerij zijn ICSI, OPU en genomic selection op dit momenten beloftevolle technieken. Het is belangrijk om deze kennis bij de fokkers te brengen. Daarnaast moeten we investeren in onderzoek om de leidende positie vast te houden. Denk aan de schaatssport, die is erg innoverend.

Ik zie verder een trend dat fokkers op zoek naar een zekere mate van rentabiliteit in hun fokkerij.  Ze willen niet alleen maar investeren. De omschakeling naar meer marktgericht fokken, het benutten van nieuwe fokkerijkennis en de bedrijfsmatige aspecten, het zijn allemaal zaken die nog beter begeleid kunnen worden.

Ik merk dat er een grote groep mensen is, die heel graag wil leren op die punten. Opleidingen moeten faciliteren bij die kennisoverdracht. Ik heb zelf nog een wens om daar wat in te betekenen. Buiten het reguliere lesprogramma op Van Hall Larenstein, zie ik het wel zitten om een soort avondscholingsprogramma op te zetten met laagdrempelige en praktische cursussen en seminars. Op die manier kun je de oude en de jonge fokkers met elkaar in gesprek brengen, de sporters met de fokkers, experts op specifieke markten met de fokkers en ga zo maar door.

Daar gaat het eigenlijk om: mensen bij elkaar brengen rondom praktische fokkerij thema’s met input van de nieuwste kennis. Die kennis kan overal vandaan komen, niet alleen van experts en instanties binnen de paardenfokkerij sector maar ook van daarbuiten.

Hans van Tartwijk is docent paardenhouderij bij de opleiding dier- en veehouderij op Hogeschool Van Hall Larenstein, waar hij onder andere lessen ‘fokkerij’ verzorgt. Voorheen was hij foktechnisch medewerker bij het KWPN. Hij fokt op kleine schaal springpaarden.

 

> > Naar dossier Onderwijs

2 reacties op “Stelling: Het wordt tijd voor een opleiding Sportpaardenfokkerij

  • Ingrid Heys

    Hans zullen we dan maar hier in Noord-Limburg beginnen met opleiden?

  • Doede Santema

    Van hobby fokker naar professional: Het roer moet om.
    De Nederlandse hobby fokkerij is gebaseerd op een verouderd concept van vermeerderen. Onze hobby fokkerij zal in de toekomst bestaan uit het fokken van enkele veulentjes voor de recreatieve sector. Het zal voor de grote vermeerderaars, “hobby”fokkers met tientallen/honderden veulens ,een uitdaging worden om het verouderde concept van vermeerderen achter zich te laten. Met de beschikbare moderne voortplantingstechnieken is het voor onze sector van eminent belang dat de professionele fokkers veulens fokken, waar zowel in de vader, als in de moederlijn drie generaties 1.60 m paarden vertegenwoordigd zijn. Voor de professionele dressuurfokkers kunnen we helaas nog niet voldoen aan de eis van drie generaties Grand-Prix paarden in zowel de vader- als moederlijn.
    Ook voor jonge mensen die deze fokkerij-uitdaging aan willen gaan is er toekomst. Belangrijke kwaliteiten zijn: commercieel inzicht, kennis van fokkerij, opfokken en opleiden van jonge paarden en het hele management er om heen. Alles staat en valt met passie waar je mee bezig bent. De markt/ branche en opleidingen zullen op deze zaken moeten inspelen, anders kunnen we een flinke daling in onze topsport en export verwachten. Voor jong en oud is er voor een goed businessplan altijd geld te vinden. Tenslotte moet het accent bij het professioneel fokken van paarden komen te liggen op verbeteren en niet op vermeerderen. Alleen kwaliteit wint de strijd. Voor de hobby fokker zal er niet veel veranderen. Op naar Den Bosch en genieten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lees ook