Ga naar hoofdinhoud

‘IBOP met naar nasmaakje’

Femke StiemsmaIn het Drentse Stuifzand werd vorige week donderdag op een zonovergoten dag op een prachtige accommodatie de IBOP voor KWPN spring- en dressuurpaarden gehouden. Toch werd het een dag met een rafelig randje.

Met een hele delegatie begeleiders gingen we kijken naar de IBOP-proef van het dressuurpaard van vrienden. Tijdens de laatste ‘optutsessie’ van het paard buiten bij de vrachtwagen kwam er een prachtige vrachtwagen het terrein oprijden. Eenmaal geparkeerd werd er een leuk paardje uit geleid, ze leek nog heel jong. Ze bleek in hetzelfde groepje van drie paarden ingedeeld als ‘ons’ dressuurpaard.

Toen ons paard geweest was, kwam een schitterende, hoogbenige, zwarte merrie de baan in en als laatste het kittige paardje uit de mooie vrachtwagen. We probeerden in te schatten wie van deze groep de proef met voldoende gevolg had volbracht. We waren tevreden over ons paard en vonden het tweede paard ook bijzonder. Maar dat laatste paardje, nee, die kon het toch niet gehaald hebben. Ze drukte tijdens de proef haar neus er constant uit en was dan door de ruiter niet meer te besturen.

Hoewel tempowisselingen niet worden gevraagd, werden ze veel getoond. Enige tactmatigheid was ver te zoeken. De merrie leek gewoon niet samen te willen werken met de ruiter. Naar onze bescheiden mening was dit paard en de manier waarop zij werd voorgesteld niet voldoende om te slagen voor de IBOP-proef voor dressuurpaarden.

Verbazing
Bij de tweede fase kwamen de drie paarden nogmaals in de baan en de jury vroeg de ruiters nog wat specifieke verrichtingen uit te voeren. Nu kwam voor ons als toeschouwers heel duidelijk naar voren wat voor verschillende type paarden in de baan liepen. Het kon niet meer uiteenlopend: een klassiek type, een hoogbenige dame van stand en een type springpaard. Het was leuk om die diversiteit te zien.

We vielen echter van onze stoelen van verbazing toen de jury de punten meedeelde. Het enige paard uit deze groep dat de IBOP-proef met goed gevolg had afgelegd, was het kittige typje uit de vrachtwagen! Met maar liefst met 78,5 punten en nota bene een acht voor rijdbaarheid/bewerkbaarheid! We keken elkaar eens met opgetrokken wenkbrauwen aan. Wat was dit nu raar? Waren wij gek? Het kan natuurlijk voorkomen dat wij iets anders zien dan de beoordelaars. De jury besteeg de trap tot het juryhokje weer en de IBOP-proeven gingen door. Wij waren tevreden met de punten die we kregen voor ons paard en brachten haar terug naar de vrachtwagen.

Bizar hoge punten
Ook in de tweede groep van die dag werd zo’n zelfde kittig paardje uit de fonkelende vrachtwagen getrokken. Wederom niet heel bijzonder, ze leek onder dezelfde ruiter ook weer erg klein en was niet heel bewerkbaar. Maar ook deze merrie slaagde voor de IBOP-proef! Onze aandacht was nu getrokken. Hoe zou het met de overige twee paarden uit dezelfde vrachtwagen verlopen? Die overigens allemaal in eigendom waren van dezelfde eigenaar/hengstenhouder, werden voorgesteld door dezelfde ruiter en allemaal een nakomeling van Uphill (v. Oscar) of Oscar zelf waren. Misschien kunt u zich voorstellen dat wij bijna niet meer verbaasd waren dat ook die twee paarden, en wel met bizar hoge punten, slaagden voor hun IBOP-proef. Weer zagen we het niet. Hoe was dat nu mogelijk? Goed, het laatste paard had een prachtige galop, maar ze zag er niet uit dat ze fijn bewerkbaar/rijdbaar was. Maar ook hiervoor kreeg deze merrie een acht. En we hadden tijdens deze dag paarden gezien met een veel mooiere houding die niet slaagden.

Naar gevoel
De jury konden we helaas niet meer spreken. We zouden heel graag deze IBOP-geslaagden van deze eigenaar onder onze eigen ruiter, met mijn naam als eigenaar eronder en zonder vermelding van afstamming elders in het land voor een IBOP-proef willen opgeven. Als deze merries dan op dezelfde manier lopen en zich gedragen als hier in Stuifzand, dan had de jury ons waarschijnlijk gezegd: “Nou meisjes, hier hebben jullie 65 punten en kom later nog maar eens terug.”

We verlieten de mooie accommodatie. Tevreden over ‘ons’ paard en hoe ze het had gedaan, maar met een naar gevoel rijker. Speelt de naam van de eigenaar per ongeluk toch een rol bij de beoordeling van een paard? We wilden het niet weten, maar helaas is dat gevoel toch ontstaan. Een rafelig randje…

Femke E. Stiemsma houdt zich op recreatief niveau bezig met dressuur en springen. Ze is geïnteresseerd in de fokkerij van KWPN-ers en Appaloosa’s en is werkzaam als jurist.
Deze opinie verscheen vrijdag 7 oktober 2011 in De Paardenkrant

22 reacties op “‘IBOP met naar nasmaakje’

  • Maverick

    Ik weet zeker dat je wel 100 van dit soort verhalen kan opschrijven. Ze mogen je of ze mogen je niet. en als er belangen zijn dan kan je met nog zo een kromme bok komen die wordt gewoon gekeurd. Het enige wat ze ermee bereiken is dat de waarde van dit papiertje gewoon geen moer meer waard is. Dat de waarde van de paarden ook niet verhoogd wordt Ik ga er niet meer heen want ik weiger als vulling voor hun programma te gaan lopen. Ik zie je wel op de wedstrijden want daar wordt de buit verdeeld.

  • Tja

    Heel herkenbaar. Ik heb het eens gehad met een open veulenkeuring. Mijn merrie had uit een ongelukje echt een prachtig veulen aan de voet. We moesten met de hele groep rondstappen. Ik hoorde de 2 juryleden nog tegen elkaar zeggen over mijn veulen ‘mooie stap en type’. Veulen moest vooraan komen stappen. Daarna moesten de veulens 1 voor 1 los en de jury pakte de catalogus erbij. Oh, B-register zagen ze toen natuurlijk. En we eindigden ineens achteraan met ‘type en beweging kon niet overtuigen’.

    Nu hij 3 jaar is en we afgelopen voorjaar hebben deelgenomen aan een vrijspringwedstrijd had ik wederom een zelfde gevoel. Er waren paarden met beslist een mindere techniek en zeker minder zuinig (balken eraf getikt) die notabene wel de finale gehaald hebben en mijn paard niet (eerstgeplaatste die niet doormocht). Kijk, deze wedstrijd winnen had hij niet gedaan, maar hij was goed genoeg voor de finale.

    Helaas speelt afstamming en eigenaar en ruiter een grote rol.

  • sportliefhebber

    Inderdaad vaak is het ons kent ons en komt er niemand er tussen, Ook wij slaan als fokker keuringen over we zijn niet bekend genoeg en dat werkt tegen je je kunt beter geen ibop doen dan een slechte ibop dat staat geregistreed en gaat tegen je werken.
    Inderdaad alles zou onbekend moeten zijn de afstammeling van het paard en ruiters wisselen van paard en eigenaar van het paard niet vermelden de jury zou uit een ander deel van het land moeten komen dan begint het misschien enige waarde te krijgen

  • Meta

    Ja het riekt naar corruptie en vriendjespolitiek !
    Maar troost U…ook Totilas kreeg pas (en wie weet als de wiedeweerga….) KWPN erkenning als dekhengst toen hij mega ging presteren..

    Quote : ‘Het KWPN feliciteert de eigenaren van Moorlands Totilas met het verkrijgen van de KWPN-erkenning als dekhengst wegens uitzonderlijke prestaties’, zo luidt de ingelijste oorkonde die vandaag door Irene Wolfs van het KWPN werd overhandigd aan Kees en Tosca Visser.’ http://www.horses.nl/horsesnl/nieuws/11825/ek-totilas-krijgt-kwpn-erkenning

    Dus de kansen voor U en Uw paard liggen nog volledig open.
    Blijf vooral genieten 😉
    Ook bij andere fokverenigingen worden “rare”fouten gemaakt door de jury. Zo werd een friese hengst op een keuring voor Friese paarden met dressuuraanleg voor dat doel beoordeeld met een 6.5…terwijl hij in de 2 daaropvolgende weken 2x kampioen werd in de klasse Z1
    http://www.youtube.com/watch?v=Qb225TSum9w
    PRACHTIG,gerechtigheid en overtuigend…is het niet JURY????

  • Karel de Lange

    De oorzaak van dit nasmaakje ligt gelegen in het feit dat de meeste stamboeken en juryleden geen vaste referentie hanteren.

    Om geen buil te vallen, hanteert de jury derhalve het modeplaatje en de daarbij behorende afstamming en eigenaar waarbij de functionaliteit, zo de jury daar al weet van heeft, ondergeschikt wordt gemaakt aan de smaak en willekeur. Voor de eenpoters (waarbij de paarden met het volle gewicht op een voorbeen staan) wordt zelfs grif € 26.000,- betaald, zo valt er in de IDS nr. 19 te lezen.

    De Paardenkrant zou eens een test moeten doen met 2 groepen van 3 juryleden die elk afzonderlijk een aantal paarden met en zonder afstamming, eigenaar etc. te beoordelen krijgt. Ik garandeer u alvast dat de uitkomst er heel verrassend uit komt te zien.

    Overigens zou dit ook geen slechte exercitie voor het hippisch journaille zijn die meestal klakkeloos neerkalkt wat de jury aan niet-functionele waarden bijeen weet te fantaseren.

    In 1996 schreef het onderstaande artikel in Bit. Er is sinds die tijd op dit terrein maar weinig veranderd.

    Over luchtfietsers en bolhoedbrigadiers

    GELD & MACHT HOUDEN DE FOKKERS ARM EN DOM

    door Karel de Lange

    Verrichtingsonderzoeken blijven onderwerp van discussie. Overal waar de behoefte aanwezig is om het moderne (warmbloed)rijpaard op sportgeschiktheid te selecteren, bestaat de (economische) noodzaak om dat selecteren zo vroeg mogelijk te doen. En om vervolgens met de uitkomsten de productie in kwalitatief opzicht te sturen. Maar hoeveel weet de bolhoedbrigade er eigenlijk van? Zien ze door de bomen het bos nog wel? Over bomen gesproken, is het niet zo, dat in de paardenfokkerij het “boompje groot, plantertje dood” even frustrerend is als in de bosbouw? We weten immers pas wat een paard allemaal kan, als het met pensioen gaat…

    Alle discussies over dit onderwerp blijven altijd en overal steken op de hamvraag: wat is de waarde van selectieprocedures op onvolwassen leeftijd? Meer dan een halve eeuw geleden hadden wij nog professionele paardengebruikers in ons land. Boeren, transporteurs en militairen wisten donders goed wanneer je pas ècht iets kon doen met een paard. Als het aftands was – in de letterlijke betekenis. Dus: uitgewisseld. De grote herfstmanoeuvres van Harer Majesteits veldleger waren verboden voor paarden jonger dan acht jaar. Aan de andere kant van de hippische horizon plegen Engelse Volbloeds op die leeftijd al lang en breed ‘op reform’ te zijn gesteld, om die oude militaire uitdrukking maar eens aan de vergetelheid te ontrukken. De drie klassieke rennen, waar het in de ultieme renwereld om draait, zijn immers alleen opengesteld voor driejarigen, die ze rondom Pinksteren moeten lopen. Achtereenvolgens heten ze Two Thousand Guineas, Derby en Saint Leger en hebben lengtes van respectievelijk één, anderhalve en één en driekwart mijl. Het zeldzame paard dat ze alle drie wint gaat de geschiedenis in als winnaar van de ‘Triple Crown’. Hier zien we dus twee volstrekt tegengestelde meningen over de samenhang tussen prestatievermogen en leeftijd.

    Noodzakelijk kwaad

    Onze huidige sportpaarden zijn veel rijtypischer dan de paarden waar onze dienstplichtige vaders en/of grootvaders mee te velde trokken. Wie de foto’s in het boek ‘Het paardenvolk in mei 1940’ (door J.Klingens, uitg. De Bataafsche Leeuw) wel eens heeft bekeken, weet genoeg. Maar zo bloederig als een renpaard zijn onze huidige spring- en dressuurpaarden meestal ook weer niet. Anders was de ramp nog groter. Ik denk dat we een tussenpositie innemen en van onze paarden pas echt iets kunnen vragen als ze vijf jaar zijn. Dat is trouwens conform de springwedstrijden voor jonge paarden die de NHS voor vierjarigen nog op stijl voorschrijft en pas voor vijfjarigen met een barrage op tijd.

    Een verrichtingsonderzoek op jongere leeftijd is dus een noodzakelijk kwaad. En welke waarde moeten we daaraan hechten? De voorstanders zijn meestal van mening dat ze niet een beetje, maar alles uit het verrichtingsonderzoek kunnen afleiden. Daar zijn ze dan zo trots op, dat ze hun mening uitdragen als een evangelie. De bolhoedbrigade doet daar, meestal met collaboratie van het journaille, nog een schepje bovenop. De uitblinkers in gangen of springen, de besten van het klasje, de “verrichtingskampioen” en zijn paranimfen, komen volop in het nieuws. De hengsten die “ook nog geslaagd” zijn, de beestjes dus die met veel minder poeha maar braaf hun best hebben gedaan, daar besteedt de vakpers zo min mogelijk kolomruimte aan. Alleen de “cracks” en de “absolute toppers” leveren immers full-page en/of full- colour advertenties op!

    Geld & Macht

    Wie er achter steken, ach, twee oude bekenden, twee broeders in het kwaad. De een zegt tegen de ander: “Hou jij ze maar arm, dan zal ik ze wel dom houden”. De gebroeders Geld & Macht. Geld vanwege die advertenties en het hele commerciële circus daar omheen. Macht vanwege de bolhoedbrigade die haar gelijk haalt uit het examenlijstje dat de onfeilbaarheid van het systeem – “ons systeem” – moet bevestigen. De zwijgende meerderheid slikt de zoete koek zonder blikken, blozen of kokhalzen in één hapklare brok door de strot en gaat heen, om de paarden thuis te vermenigvuldigen. De tegenstanders van “het systeem” richten hun pijlen op de enige achilleshiel, die van broeder Macht. Maar al te vaak zijn de hardlopers op het eindexamen in een later stadium doodlopers gebleken. De tegenstanders herinneren met gulzig sarcasme aan het rijtje KWPN-“verrichtingskampioenen” Architect, Beethoven en Columbus waarvan later de carrières als fokhengst toch niet die lauweren brachten die aanvankelijk voor het grijpen leken.

    Luchtfietserij

    De keuring op afstammelingen is een nog veel erger geval van folkloristische luchtfietserij. De bolhoedbrigade denkt in al haar overmoed, dronken gevoerd door broeder Macht, te kunnen voorspellen wat er uit al die veulentjes zal worden. Een gave die slechts aan weinigen is gegeven maar die velen denken te bezitten. Geërfd (met de bolhoed geboren heet die afwijking), geslikt (de paplepel-hippologen) of uit het hoofd geleerd (de doe-het-zelf keurmeesters), de bolhoed past kennelijk iedereen. Maar om het veulen uit een geweldige moederstam maar van een afgekeurde vader, of het veulen van een Olympische vader uit een onooglijk merrietje op zijn juiste merites te kunnen beoordelen, daar is meer voor nodig. Een zekere nederigheid ten opzichte van de natuur, die ons deze veulens doet geworden. Pak de keuringsboekjes maar eens af van vriend Bolhoed en de helft van de brigade is ineens gedegradeerd tot dezelfde stumpers als u en ik. Een zeker gevoel voor het wezen van het dier, het innerlijk dat het uiterlijk opwaardeert. Of niet. Kijken naar de oren, de vogeltjes van het verstand. Kijken naar de ogen, de spiegels van de ziel. Los van de afstamming of eigenaar. En als Bert B. toevallig een afstamming tegenkomt die hij (nog) niet kent, dan heeft Bolhoed een panklare oplossing: hoed af en achteraan aansluiten. Ware kenners keuren met hun hart. “Du solst dein Pferd bloss lieben” schrijft Clemens Laar in ‘Meines Vaters Pferde’. Libero hoge verzenen? Weyden een lang hoofd? Kruideniers moet je in hun eigen taaltje antwoorden: anders niks?

    Demagogie

    Om het klootjesvolk tam te houden bedienen de bobo’s zich van modieus gemekker. Nog niet zo lang geleden moesten wij “kasten” van paarden produceren. Herinnert u zich nog de Ducs en de Enfants? De demagogie ging voor “groot” en alles beneden 165 cm was te klein om goed te kunnen zijn. Nou is dat met een beetje stok nog wel te meten, anders ligt het met de toverwoorden “beknopt” en “langgelijnd”. Maar echt op dreef raken de demagogen pas, wanneer dingen ter sprake komen die aan het staande paard, het ‘true-type’ zoals veefokkers het noemen, niet zijn te zien. De bewegingen. Die zijn in een flits voorbij en je kunt het wel navertellen, maar beeld en geluid zijn nooit synchroon. Daar maakt de demagoog listig gebruik van. Om pas na de voorstelling zijn commentaar over die bewegingen te spuien. En het onderwerp van de discussie, ja, dat is al weer vervlogen. Keertje overdraven? Zopas liep-ie toch een tikkeltje trekkerig, of scheef, of onkant, of juist met veel meer “stuwing”, of vul maar in!

    Schijnvertoning

    Toppunt van demagogie is het zogeheten “zitten & klimmen”. Zodra een rijpaard aan een touwtje loopt, dient het zich als een tuigpaard te gedragen. Snorkend met opgestoken hals en staart dient het door de baan te gaan in een brekerige manier van stampen achter en een onsamenhangende manier van klauwen vóór. Schitterend vinden de keurmeesters dat en schitterend vindt ook Jan Publiek deze schijnvertoning. Ik memoreer hier Kevannie, als driejarige reserve van de “koninginnerubriek” op het Utrechtse volksverlakkerijfeest. Bij de veulenkeuring leert een blik op de voorring dat meer dan helft van de toch nog vrij jonge moeders amper rad is. Deze uitverkoren veulens gaan later weer voor meer dan 50% op hun moeders lijken. Die gegevens gaan vervolgens weer de computer in en de zondebok (schuldig of niet) is snel gevonden: de vader. “Publiekslieveling èn voer voor bewegingsdeskundigen” staat onder de UTV-foto van Kevannie in het KWPN-orgaan (In de Strengen, 14.09.95, blz. 32). En iemand van het auteurs-vijftal schrijft over haar: “… die op de CK in Drenthe adembenemend draafde met geweldig veel kracht, tact, balans en oprichting. Het was nu een tikje minder, maar evenwel ook nog formidabel. Omdat zij wat minder stapte moest ze naar de tweede plaats”. Vijf Strengen’s later heeft Kevannie examen gedaan: stap 8, draf 7.5, galop 8, vrij springen 5.5, parcoursspringen 6, rijproef 7.5, training 8, karakter 8, stalgedrag 9 (IdS 20.12.95, blz. 38). De stap is nu beter dan de draf. De EPTM-jury in Drachten geeft voor die draf een 7.5. “Een tikje minder dan adembenemend maar nog altijd formidabel” ? Volgens mij heel wat tikjes! Ik heb absoluut geen behoefte om hier het paradepaardje van een provincie-genoot af te katten. Ik wil met dit voorbeeld slechts aantonen, dat het zelfbevredigende koninginnerubriek-gedoe van de broodschrijvers die in de draaicirkel van de bolhoedbrigade aan de kost proberen te komen niets, helemaal niets zegt over de latere prestaties (hier scheelt het slechts een kwartaal) onder het zadel.

    Stadse fratsen

    Toegegeven, het ís ook moeilijk. Om in de gauwigheid te zien waar het allemaal om draait: een krachtige afdruk, takt, balans, los van de grond en een lang zweefmoment. Een economische draf is nooit een spectaculaire draf. Economisch? Daar heeft Bert Bolhoed maling aan. Spektakel, dat wil hij. En dat wil ook de volle tribune achter hem. Economisch, soepel? Op de kop zult u bedoelen, en slap. Wazeggu? Een rijpaard is om op te zitten? De lengte van het paard wordt bepaald door de ligging van schouder en darmbeen? We gaan toch niet moeilijk doen hè! Langgelijnd? Hoe bedoel-u? Heeft dat weinig te maken met de bovenlijn en juist heel veel met de stand en de ruimte tussen de voor- en achterbenen? Nou meneertje, vertel dat maar aan de heren daar in de baan. Dan zullen ze u en uw paard op de eerstvolgende keuring eens leuk achteraan laten lopen. Leert u die stadse fratsen meteen af!
    Rechthoeksmodel is ook zo iets. Het gaat om verhoudingen, harmonie en balans. Probeer dat maar eens uit te leggen aan iemand die zijn statige schuifkozijnen heeft laten ombouwen tot aquarium-ramen. Met een marsmannetje communiceer je beter. De hals moet in verhouding zijn met de lengte van het hele paard? Romp en benen moeten in harmonie zijn? Meneer, bij ons op het dorp is een harmonie. Maar daar loopt geen enkel paard in mee!

    Foutenkijken

    Het zal wel komen omdat we in een klein landje wonen en het enige grote dat we hadden, de Gordel van Smaragd, zijn kwijtgeraakt. Maar we kunnen het niet, pure schoonheid omarmen zonder te mauwen over kleinigheden. En als we Rosie mogen geloven (u en ik doen dat natuurlijk niet) in zijn vertolkingen over de recente hengstenkeuringen van de Duitse stamboeken dan kunnen ze er in Duitsland al helemaal niks van. Nee, het evangalie komt rechtstreeks uit Rosies koker te Zeist en Rosies hoedje (nog geen bol), vlaggetje en toeter gaan mee naar Den Bosch toe om ze na (en soms al voor) Ermelo, onder het produceren van nog wat vlaggeritsel en wat schorre tonen, zo vlug mogelijk weer in de kast te leggen. Gebruiksklaar voor het volgend jaar. Kruideniers, dat zijn we, foutenkijkers. Met een ijver, een betere zaak waardig leggen we de nadruk op negatieve eigenschappen. En als die er niet zijn, verzinnen we ze. Het KWPN “scoort” op 26 onderdelen maar heeft geen ruimte op het formulier voor de essentie van het paard, het wezen, zo u wilt “het gouden draadje”. Ik geef toe, zaken als harmonische verhoudingen, ras en uitstraling zijn eigenlijk niet “lineair” te “scoren”. En ik moet zeggen, het stamboekopnameformulier van het NRPS kent 33 onderdelen waar ‘uitstraling’ er één van is. Maar dat is geen onderdeel, het is het wezen van het paard!

    Hans Joachim Köhler begint zijn leerzame boekje ‘Pferdekenner und Fehlergucker’ (paardenkenners en foutenkijkers, uitg Limpert Verlag) met het hoofdstuk ‘Geistige Werte’ (onstoffelijke waarden): “Ohne Geist und Seele ist alles körperliche Fassade” (zonder geest en ziel is alles lichamelijke buitenkant). Een betere titel voor zijn KWPN-exterieurhandleiding ‘Het paard in partjes’ (uitg. La Riviere & Voorhoeve) had Gert van der Veen niet kunnen bedenken. En ook al besluit hij zijn boekje met enkele hoofdstukjes onder de noemer ‘het paard totaal’, het typeert de Nederlandse manier van paardenbeoordelen. Zoals het jongetje en de ouderwetse wekker. Niet eerst kijken hoe laat het is, nee, meteen uit elkaar halen. Om bij het inelkaarzetten steevast een tandwieltje over te houden! Zijn er dan helemaal geen juryleden meer die het wel kunnen zien? Gelukkig wel. Maar die worden niet gehoord en als die wat zeggen, wordt er door de nieuwe computergarde niet geluisterd.

    Willie Wortel

    En bleef het nou maar bij dat ‘score’-formulier, dan was het nog zo erg niet. Maar de wet van Murphy slaat toe. Er gaat iets fout en alles daarna gaat ook fout. De klinische opsomming van -tig constaterinkjes gaat de computer in. Die is voorgeprogrammeerd met ‘correctiefactoren’, uitgedokterd door een Willie Wortel. Ir. Wortel drukt op de knop en de printer spuugt getalletjes die alles wat de Bolhoedbrigade aan germanisme’s (“bemerkingingen”) heeft verzameld, vangen in ‘indexen’ en toeschrijven aan de hengsten. Dit verschijnsel is ontleend aan de rundveehouderij. Maar wat goed is voor een koe, hoeft nog niet goed te zijn voor een paard. Quod licet bovi, non licet equi!
    In de veehouderij gaat het om productiefokkerij, in de paardensport – met de nadruk op sport – gaat het om prestatiefokkerij. Nu wil ik Willie Wortel best gelijk geven waar hij stelt dat de paardenfokkerij gebruik kan maken van bepaalde ervaringen uit de rundveefokkerij. De wetten van Mendel zijn immers universeel. Maar de begrippen productie en prestatie moeten we volstrekt gescheiden houden. Bij productie gaat het om materiële zaken, bij prestatie juist om het immateriële, zijnde het karakter. Geen enkel scoringsformulier kent dit onderdeel, als je het al zo wilt noemen. Karakter is de onstoffelijkheid in optima forma, daardoor niet in cijfertjes te vangen maar – helaas – zo erfelijk als wat. Hoe erfelijk? vraagt Willie Wortel en ik moet hem het antwoord schuldig blijven. Karakter is het mysterie van de paardenfokkerij. Van een niet gering aantal veelzijdige stempelhengsten- springen en dressuuur- is bekend dat ze veel meer innerlijke kwaliteiten doorgeven, karakter en de wil tot werken, dan uiterlijke. Om maar een paar te noemen: Gotthard, Ramzes, Capitano, Cor de la Bruyere, Capitol, Grannus en Lord zijn specifieke voorbeelden waarop exterieurmatig het nodige valt aan te merken en die in Nederland wellicht nooit het groene licht hadden gekregen. Deze hengsten hebben zich vooral bevestigd door de late uitgroei van hun nafok en ook in volgende generaties. Pas toen kwamen het karakter en de wil tot werken in beide disciplines volledig tot uitdrukking. Sinds 1770 houdt de firma Weatherby & Sons alle gegevens van alle Britse en Ierse renpaarden bij, inclusief hun pedigree’s. En nog altijd lukt het niet om winnaars op bestelling te “maken”. Paarden presteren op karakter en Ir. Wortel is niet in staat en zal ook nooit in staat zijn om dat ongrijpbare karakter als “aanname” in zijn indexjes te versleutelen. Goddank!

    Bloedlijnen

    Is Willie Wortel met zijn computers machteloos waar het gaat om het belangrijkste maar tevens meest onvoorspelbare element in de sportpaardenmaterie, voor een ander element zijn hij en zijn apparaten als het ware voorbestemd. Ik doel hier op het fenomeen van wel- en niet combineerbare bloedlijnen. Stop alle afstammingen en alle sportgegevens van alle in Nederland geboren paarden in het geheugen, laat daar een goed programma op los en zie, er is licht. Het is een ervaringsfeit dat bepaalde combinaties veel meer sporttalent geven dan andere. Maar in welke mate en in welke volgorde, nauwkeurig gekwalificeerd en gekwantificeerd, dat weten we niet. Hier zou Willie Wortel wèl veel voor ons kunnen betekenen. Mits hij over een programma beschikt waarmee hij kan ‘crossen’, verschillende zoekfuncties tegelijk laten werken. Laat de bolhoedbrigade dan maar zorgen voor de folklore, de stamboekhouding kan dan eindelijk de merriestammen nummeren en een Hengst-Advies-Programma in de benen tillen waar we wat mee kunnen. Want die keurmerries van ons, die brengen misschien met geen enkele hengst een sportpaard omdat er nog nooit sportpaarden uit die stammen zijn gekomen. Of alleen in bepaalde combinaties. En wat als Wortels computer ineens een hengst signaleert die qua springen, dressuur en exterieur bovenaan op het scherm scoort? Error? Want zelfs zonder Willie’s brein hebben de bolhoeden ontdekt dat er iets mis is met de bloedlijn. Bloed dat de bewindvoerders ineens niet willen. Onverwacht en dus veracht. Rosies toeter blijft in de kast en Willie drukt gewoon weer op Escape.

    Stukrekenen

    Papier is geduldig. Wie de laatste uitdraai van het Duitse rekencentrum in Verden doorkijkt, zal tot zijn verbijstering zien dat bijna alle oude geweldenaars uit de toptien zijn gevallen. Hengsten waaraan de Duitse fokkerij haar toppositie heeft te danken zijn via een “aangepaste” berekeningsmethode stukgerekend. Landgraf, Pilot, Capitol, Grannus, Almé Z, Polydor, Ramiro Z, alle grootheden die spring-dynastieën hebben gesticht, hun indexen zijn onder een reusachtige inflatiegolf gekapseisd. “Foktechnische vooruitgang” heet dat. Een oude hengst dekt meestal weinig, een dode hengst dekt helemaal niet meer, hun invloed in het actieve sportpaardenbestand neemt dus geleidelijk af en daardoor gaan hun indexen naar beneden. Een idioot verschijnsel dat een volstrekt verkeerd beeld geeft van wat genoemde hengsten voor sport en fokkerij hebben betekend. De Nachtwacht hangt toch ook niet tussen de Karel Appels ? De sportpaardenpopulatie is zowel kwalitatief als kwantitatief niet goed van bovenaf te sturen. Te veel fokkers met teveel eigen inbreng vertragen de door de bolhoeden en de Willie Wortels zozeer gepropageerde maakbaarheid. Een maakbaarheid, waar de hippische voormannen (alleen bij pony’s ook vrouwen) hun status en hun dagvergoeding en/of salaris aan ontlenen. Met de zogeheten “glijdende basis” vormen de indexen het bewijs van hun onmisbaarheid en onfeilbaarheid. In de economie heet dit fenomeen ‘self-fulfilling prophecy’.

    Mijnenveld

    Voordat een hengst aan de listen en lagen van de indexberekenaars ten prooi valt, dient hij het mijnenveld genaamd verrichtingsonderzoek over te steken. Hoewel slechts weinig paarden de top van de gespecialiseerde wedstrijdsport bereiken, is de selectie er op gericht zo vroeg mogelijk te specialiseren. Amper driejarige hengsten krijgen al etiketten opgedrukt waarop “springpaard” of “dressuurpaard” staat. Exclusive made in Holland. Hier zien we een tweede aspect van ‘self-fulfilling prophecy’. Niet alleen dient de foktechnische vooruitgang in haar algemeenheid coûte-que-coûte bewezen te worden, ook de speciale begaafdheid voor een bepaalde discipline moet het grote gelijk van de beleidsmakers aantonen. Wat doet u als uw kind op de lagere school niet zo goed in rekenen is en daarom van de juf alleen maar taal hoeft te doen?
    Was het niet de bedoeling van het verrichtingsonderzoek om de primaire aanleg van een hengst als rijpaard te testen?
    Jawel, u leest het goed. Aanleg als rijpaard. Dressuur en springen. En ziedaar, we hebben het overgebleven tandwieltje weer terug. Atletisch moet een jonge hengst zijn en functioneel in beide disciplines. Niet overdreven, maar beide onderdelen eenvoudig kunnen en willen doen. De hogeschool is nog ver weg en de sport maakt later wel uit of deze hengst doctorandus springen of doctorandus dressuur wordt. En voor het handjevol werkelijk begaafden is er mischien zelfs wel, voorzien van goed gevulde studiebeurs, een doctorstitel weggelegd. Wie een huis wil bouwen, begint ook niet met het dak, maar zorgt eerst voor een goed fundament.
    Specialisatie op onderbouw-niveau is volslagen kul. Zo volslagen, dat de mininster van Onderwijs zich er (nog) niet aan heeft gewaagd.
    In de sportpaardenfokkerij zijn de architecten (sic zo!) minder beschroomd. Niets is ze te dol om hun zelfgebreide status te verdedigen. Rondom hun luchtkasteel ‘indexfokkerij’ ligt het mijnenveld ‘verrichtingsonderzoek’. Voor een eenvoudig fokkertje een onneembare vesting.
    Tot vorig jaar kon hij nog een beetje houvast vinden in het Jaarboek. Kon hij nog proberen om uit de amorfe zooi sportgegevens de door hem gefokte paarden te vissen. Zie je wel, mijn fokproducten doen het goed in de sport. En die van Jansen en Pietersen doen geen barst. Maar ook dit houvast is hem ontnomen. Wegens geldgebrek verschijnt het Jaarboek niet meer.

    Arm en dom

    Geldgebrek? Het Jaarboek was een chaos en op ’t laatst kocht bijna geen fokker het meer. Omdat het automatiseringssysteem de boel zó uitprintte, dat je je in dat dure boek (bijna honderd gulden) wezenloos zat te zoeken naar je eigen fokproducten. Het automatiseringssysteem van het KWPN, gesubsidieerd door het Landbouwschap, is financieel zo slecht onderbouwd dat andere stamboeken niet meedoen (De Forester, dec. 1996, blz. 8). Het is hetzelfde programma waar ook de NKB nog steeds mee worstelt (Paard & Sport-NKB 29.11.96, blz. 27). Prangende vraag: Deugt de automatisering eigenlijk wel? Is het programma geschikt om te ‘crossen’? Kunnen de grootste deelnemers, de basisbonden, het KWPN en in de startblokken het NRPS, er nu en in de toekomst mee uit de voeten? In de begroting van het KWPN lees ik: “de kosten van de automatisering zijn sterk toegenomen. Uiteraard is dit het gevolg van de investeringen die in het nieuwe automatiseringssysteem zijn gedaan en die nu worden afgeschreven”. In 1994 kostte de automatisering van het KWPN f 185.000, in 1995 f 360.000, in 1996 (raming) f 404.000 en in 1997 (begroting) f 431.000. En als ik dan lees dat de basisbonden hun paarden gaan chippen, per 1 april volgend jaar al (Paard & Sport-NBVR, 15.11.96, blz. 27) maar de stamboeken zwijgen in alle talen, dan denk ik dat de bobo’s het weer eens niet eens kunnen worden over het verdelen van de (ere)baantjes. En de automatisering dus weer volgens oud vaderlands recept zal voortsukkelen: ieder voor zich en God voor ons allen. Maar dan wel alleen in Nederland want een EUROPESE integratie komt al helemaal niet op Willie Wortels computermenu voor. Belangenbehartiging? De heren houden ieder voor zich hun eigen pluche warm en dat was het dan. De NHS houdt ons dom en de stamboeken houden ons arm. De gebroeders Geld en Macht kijken geamuseerd toe…

    bijschrift (‘Paardenhandel’, gravure van C.D.Giles)

    “Je kunt het keren of wenden: wie een paard beoordeelt kijkt meestal eerst naar de benen en de ‘fouten’. Helemaal verkeerd, maar het is een ritueel van alle volkeren en alle tijden. Het is de ouverture tot het met de ogen aftasten van het exterieur, op zoek naar fouten, voordat men ten slotte een oordeel kan vellen over het schepsel dat daar als ‘product’ tegenover al die mensen staat, roerloos, terwijl het door vele ogenparen wordt ontleed – om zich daarna en liefst volgens de verwachtingen te tonen en zijn werkelijke waarde of waardeloosheid pas dan te openbaren. Of omgekeerd: niet te laten zien wat het als ‘standbeeld’ beloofde”. (H.-J. Köhler, ‘Pferdekenner und Fehlergucker’)

    Steenbergen, december 1996

    Copyright ©All rights reserved

  • Smink

    Beste Femke,
    Helaas was ook ik dit jaar in stuifzand en was het meer dan bijzonder te noemen welke punten de merrie’s kregen.
    Een kantekening mijn kant, het is in ons kleine land onmogelijk om onpartijdige mensen te vinden die paarden “eerlijk” kunnen beoordelen want iedereen kent iedereen en ook deze jury leden willen graag fokken en dan is de voortrekkers rol al gauw gevonden.
    Het voorstel om zonder naam van eigenaar en of pedegri van het paard te beoordelen , word altijd resoltuut van tafel geveegd.
    Het niet deelnemen aan deze evenementen schijnt het enige afdoende middel te zijn om je hierover niet meer te hoeve of kunne vebazen.
    Doch wens ik je wel verder veel plezier met je sport.

  • Lillian

    Beste Femke,

    Heb jij enig idee hoe een IBOP proef beoordeeld wordt? Ik krijg de indruk van niet. Een IBOP proef is wat anders dan een dressuurproef.

    Misschien zou je contact moeten zoeken met de juryleden, die over het algemeen de manier beoordelen graag aan je toe willen lichten, voordat je dit soort beschuldigende stukjes in een krant gaat plaatsen.

    En de Paardenkrant is bij mij hard in achting gedaald. Ik heb niets met kranten of journalistiek te maken, maar zelfs ik ben bekend met het principe van ‘hoor en wederhoor’.

    Lillian, dressuurpaardenfokker en -liefhebber uit Zuid-Holland

  • Geke

    Hallo Femke,

    Prachtig stuk heb je geschreven. Zulke dingen blijven nou 1 x een jury sport helaas…

    Lillian, ik denk dat Femke wel weet dat een IBOP geen dressuurproef is. En gezien de overige reacties is zij blijkbaar niet de enige die hier tegenaan loopt. Verder vind ik niet dat ze beschuldigd, ze uit haar mening in het stukje.

    Ze schrijft ook dat de jury helaas niet meer te spreken was.

    Als je niks met kranten of journalistiek te maken hebt en zaken alleen via hoor en wederhoor wilt aannemen begrijp ik niet zo goed waarom je via een forum als horses.nl gaat reageren.

    Met alle respect voor je reactie, misschien had je het stuk beter moeten lezen.

  • beert

    Laat me raden….
    Van Norel zeker????
    Ja, das toch logisch dat ze al zijn paarden laten slagen?
    Al zitten ze achterstevoren in elkaar dan nog slagen/winnen ze.
    Raar maar waar, naam doet meer dan kwaliteit van het paard….

  • Femke Stiemsma

    Bedankt voor de reacties op mijn opinie! Jammer om te lezen dat ik niet de enige ben die deze ervaring heeft. Het zal inderdaad wel lastig zijn een systeem te ontwerpen waardoor iets dergelijks als dit niet meer voorkomt/ voor kan komen.

    @Lillian: ik zou zeggen: lees het stukje eerst wat beter alvorens je zo fel reageert. Het is een opinie en die deel ik met anderen. Mijn opinie is dat ik mij ernstig verbaasd heb over deze IBOP.

    Hoor en wederhoor is mij niet onbekend. Daarom had ik best even met de jury willen praten maar zoals in het stukje al staat: daar was op dat moment geen gelegenheid toe. Was dat wel mogelijk geweest dan was ik de eerste die even was komen praten natuurlijk.

    Oh, en dat een IBOP proef iets anders is dan een dressuurproef, derhalve anders beoordeeld wordt, is mij bekend. 😉

  • H.

    @ beert, beers

    Of ze er nou achterstevoren op zitten of niet, maar de Fam. van Norel heeft wel altijd paarden met ZEER veel kwaliteit en beweging.
    Ik kom op veel IBOB keuringen en heb nog maar weinig miskeuringen gezien, maar als iemand naar een keuring gaat heeft hij of zij altijd de mening?? een goed paard te hebben en dan kan het wel eens tegenvallen.
    De jury mag van mij gerust weten welk paard en eigenaar er in de ring is en zal er naar eer en geweten naar handelen, dat weet ik zeker.

    Men kan ook altijd de jury aanspreken en vragen naar hun beoordeling, al is het ook daags er na.

  • Stella Roomans

    Even los van de wijze waarop het stuk van Femke is geschreven, en of het wel of niet door de Paardenkrant geplaatst had moeten worden, wil ik graag opmerken dat juryleden ne eenmaal onbewust beinvloed worden door de informatie, die ze ooit over het te beoordelen onderwerp hebben ontvangen (ook de informatie, die niet in de catalogus staat). Juryleden zijn namelijk ook gewoon mensen, en de beinvloeding is een bekend en goed onderzocht psychologisch verschijnsel. Ik ben ervan overtuigd dat de jury bij een keuring, IBOP of waar dan ook met goede bedoelingen en naar eer en geweten zijn werk wil doen. Het is alleen jammer dat bijvoorbeeld het KWPN (met wie ik deze discussie al eens prive gevoerd heb), niet de uitdaging aan wil gaan om “blind” te jureren, en te kijken of ze dan tot dezelfde uitkomst komen. Het zou het KWPN sieren, en positief inwerken op de bereidheid van veel “gewone” fokkers om toch naar een keuring of een IBOP te komen, want men wil toch vooral het gevoel hebben dat men EERLIJK beoordeeld wordt.

    Overigens zijn er positieve stappen gezet in de richting van iets meer transparantie door de jury, en is er zelfs een onderzoek geweest met medewerking van het KWPN, waaruit bleek dat dressuurpaarden op GP-niveau lang niet allemaal beschikten over de door het KWPN gewenste exterieurmatige eigenschappen, maar wel goed genoeg konden bewegen. Dus KWPN, ik zou zeggen, ga de uitdaging aan en organiseer een proefkeuring met en zonder voorinformatie. Ik ben van de partij!

  • Janneke Gnodde

    Het valt mij enorm tegen dat de paardenkrant een podium wil zijn voor gefrustreerde mensen met middelmatige paarden die verder nooit met hun paarden op keuringen verschijnen als blijkt dat hun materiaal niet goed genoeg is om mee te draaien. Laat dergelijke mensen hun gal spuwen met elkaar op (hun eigen) forums en niet hier op horses.nl of erger nog in een gerenommeerde krant zoals de paardenkrant.

    Ik denk dat van Norel van zijn stoel valt van het lachen als hij hoort dat hij ‘voorgetrokken’ is. Of dat hengsten als Oscar en Uphill kittige paardjes vererven.
    Die man vecht al jaren tegen de bierkaai, en met succes want hengsten als Uphill, Cabochon, Winningmood en Oscar hebben al veel goede paarden gebracht in de KWPN fokkerij. Merries als Curonia staan op mijn netvlies en kampioen van de hengstenkeuring worden bereik je ook niet corruptie.

    Het is geen vriendjespolitiek als bepaalde mensen herhaaldelijk succes hebben op keuringen. Daar doe je goede fokkers enorm mee tekort die deelnemen aan evenementen en fokken met het betere merriemateriaal. Als Femke werkelijk geïnteresseerd is in fokkerij kan ze beter een voorbeeld nemen aan dergelijke fokkers in plaats van ze in diskrediet te brengen op horses.nl.

    Een zwarte hoogbenige dressuurmerrie fokken is geen garantie voor succes en zegt niks over kwaliteit. Als er in de afstamming voor een aanparing is gekozen van Sandro Hit bloed x Gribaldi dan kan ik al wel raden dat de kracht van achter uit bij een 3 jarige merrie van 1.73 de reden is geweest om (nog) niet te slagen.

    Bij een IBOP proef wordt de aanleg als dressuurpaard beoordeeld en niet de mate van africhting of het (te) brave karakter. De sensibele dieren met veel souplesse die goed kunnen schakelen zijn juist de paarden die in de hogere klasses boven komen drijven.

    Pak de uitslagenlijst van Stuifzand erbij en je ziet meteen een veel minder gekleurd beeld.
    http://www.kwpn.nl/data/events/00018744.pdf

    Een Spielberg met 80 punten, niet eens goedgekeurd binnen het KWPN en toch één van de hoogste van de dag. Een geslaagde Kennedy merrie, zo hot is die hengst ook niet. Alle Uphills en Oscars uit een predikaatrijke moederlijn en met beste punten op de stamboekkeuringen.

    Dus als ik een inschatting moet maken wie het hier nu fout gezien heeft, een deskundige jury of een recreatieruiter, dan heb ik nog steeds heel veel meer vertrouwen in het jurykorps van het KWPN.

  • H.

    Goed gezegd Janneke, ga zo door!!!!

    Het zijn altijd de mensen die zaniken en klagen als het hun een beetje tegen valt, als ze een keer op een keuring komen.
    Maar het preciese weten ze van hun paard niet.
    Maar nog maals de heer van Norel heeft klasse paarden, zou er graag wel een kittig paardje van willen hebben.

  • L.C.

    Kunnen jullie nou echt niet raden waarom het k.w.p.n. nu niet en nooit niet blind zal gaan keuren??

  • Femke Stiemsma

    Na de “professionele” en “fatsoenlijke” reactie van Janneke en H.O. (anoniem is altijd fijn) nogmaals:

    – het is een opinie (= mijn mening)
    – het beschrijft het gevoel dat bij mij is ontstaan tijdens de IBOP in Stuifzand. Ik heb gemerkt dat dat gevoel niet alleen bij mij is ontstaan en dus heb ik gemeend er een stukje over te schrijven.

    – lees het stukje nog maar eens goed. Er is alleen sprake van tevredenheid over het paard waarvoor ik in Stuifzand ben geweest. Hoezo gal spuwen? Daar is geen sprake van!

    – ik heb niks tegen Van Norel. Ze hebben prachtige paarden en ik gun ze alle succes van de wereld.

    – de reactie van Janneke is verder prachtig onderbouwd op basis van haar kennis van de fokkerij en de uitslagenlijst maar ze is er op die dag niet bij geweest. Misschien dat haar beeld dan ook genuanceerder was geweest. Ze had mij (en anderen) het jury oordeel misschien wel kunnen toelichten.

    Hopelijk kan iedereen nu weer op een fatsoelijke en eerlijke manier reageren.

  • Meta

    Ja mooier kan het niet..;-)…ik zou Janneke uitnodigen voor een bak koffie met een heerlijke Terschellinger Cranberrypunt met grote toef slagroom en daarna een mooie buitenrit op het strand ..pioew! wie weet kun je een hoop van haar leren en zij op juridisch gebied van jouw kennis. Leuk toch,als eilanders met een passie!
    😉

  • Rein

    Dat er een nasmaak aan zit kan ik mij heel goed voorstellen.
    Ik heb het zelf meegemaakt met een keuring van pony’s waarbij de betreffende pony een veulenpremie had een enter- en een twenterpremie had gekregen.
    Voor de keuring als driejarige werd de hengst , de vader van de betreffende merrie, afgekeurd.
    Op de eerstvolgende keuring liep de pony als laatste in de rubriek en kreeg geen enkele premie.
    Een week later is de betreffende pony meegenomen naar een jongerenkeuring waarbij gekeurd werd zonder dat men wist van welke afstammeling de pony was en wie de eigenaar was.
    Wat schetste mijn verbazing de pony kwam weer op kop te lopen.
    Gelijk begreep ik ook waarom de juryleden bij officiële keuringen altijd bij elkaar staan te beoordelen.
    Niet om de pony’s te beoordelen maar om te overleggen welke eigenaar c.q. hengst op kop moet lopen.

  • A Trip

    Als je openbaar een opinie schrijft kun je reacties verwachten waarmee je het niet eens bent.
    Ook al is het je “eigen”mening.
    Ik kan niet anders dan het met Janneke eens zijn al ben ik wel met je eens dat dat moeilijk gaat als je er persoonlijk niet bij bent geweest.
    Je noemt dan welliswaar geen namen van de debetreffende fokker maar wel zijn hengsten.
    Deze man is jaren uitgescheten geweest en zal nu ineens voor getrokken worden???
    Uit mijn eigen ervaring sprekend (al is dat niet zo heel veel) heb ik nog nooit het gevoel gehad dat er gekeurd werd door naar de fokker te kijken.
    Ik vind het een kortzichtige mening die je omdat je nu toevallig 1x bij een beoordeling van een ibop hebt meegemaakt niet hard kunt maken.
    Misschien is het verstandig om je eerst wat meer in dit soort zaken te verdiepen voordat je dit soort opinies in de openbaarheid brengt.

  • Janneke Gnodde

    Dat is gezellig Trip doet ook mee met het bakje koffie en de cranberrypunt!

  • Laura Dijkhoff-Michels

    Helaas zijn deze praktijken al jaren aan de gang, voor ons was dit uiteindelijk een reden om met onze paarden, naar een ander stamboek over te stappen. Ik heb in die jaren kreupele paarden( met als eigenaar een van de keurmeesters, die dan wel een stapje achteruit deed) op de eerste plaats zien eindigen, terwijl iedereen boe riep en vroeg of ze een kruiwagen nodig hadden, om het paard in rond te rijden. Het is schandelijk, dat bij deze keuringen niet zonder papieren en afstamming en zonder bekend making van wie de eigenaar is met onpartijdige voorbrengers wordt gewerkt, zodat het PAARD gekeurd wordt!!Niet de eigenaar.

  • Lilianne Dijkhuizen

    Behalve Janneke en A. Trip van Terschelling blijken meer mensen het roerend eens te zijn met Femke van Terschelling. Ik snap dan ook niet waarom Janneke Gnodde nog een steek na geeft. Een forum is er om ieders mening te delen en in mijn ogen niet om iemand moedwillig te steken.
    De mening van Janneke is erg gekleurd omdat ik begrijp dat zij er niet bij geweest is en het bekend is dat het op de IBOP in Stuifzand die betreffende dag daadwerkelijk niet is gegaan zo het had moeten gaan. Ik snap dus niet waar zij haar wijsheid vandaan haalt…

Reacties zijn uitgeschakeld.

Lees ook