Ga naar hoofdinhoud

Instelling

Ulft en Coby van Baalen

Ulft met Coby van BaalenDe invloed van een bepaalde hengst in de merrielijn kan heel groot zijn. Oude fokkers zweren bij Sinaeda in de moederlijn dat volgens hen garant staat voor beweging. In deze trend worden ook wel Notaris en Doruto genoemd. Anderen, onder wie Huub Helvoirt, geloven in Amor-bloed in de moederlijn om beweging naar boven te halen. Maar het is dus Ulft, met zijn afstamming van Le Mexico x Pericless xx eigenlijk meer gefokt als springpaard, die nu de boventoon lijkt te voeren met vier EK-toppers waar hij in de pedigree voorkomt.

Ik denk dat dit met name komt door het goede achterbeengebruik van de bruine en misschien nog wel meer de instelling als het moest gebeuren in de ring. Jazz-zoon Parzival is daar een sprekend voorbeeld van. Hoewel de vos in zijn jonge jaren niet de makkelijkste was, wilde hij het afgelopen zaterdag en zondag echt doen voor Adelinde en straalde hij veel blijheid uit.

Parzivals moedersvader Ulft was ook zo’n blije hengst die er altijd aan trok. Toen Ulft in 1981 goedkeuring kreeg, was ik nog niet geboren. Maar door verhalen van mensen die de hengst van dichtbij meemaakten, wordt duidelijk dat de kleine Ulft – hij werd op de hengstenkeuring gemeten op 1,63 m – zich enorm groot maakte als het moest gebeuren. Zowel aan de hand als onder het zadel en tot op hoge leeftijd. De instelling blijft in mijn ogen nog altijd het belangrijkste ingrediënt voor een dressuurpaard.

Een vaak gehoorde paardenwijsheid is dat een dressuurpaard niet gefokt, maar gemaakt wordt. Die maakbaarheid wordt in de belangrijkste mate bepaald door de instelling van het dier. Aan de andere kant moet er vanzelfsprekend ook natuurlijke aanleg aanwezig zijn. Zonder die aanleg kan het paard nooit oefeningen uitvoeren die op het hoogste niveau worden gevraagd, hoe hij graag hij ook wil. Het KWPN-recept, waarbij hoogbenigheid en een opwaartse bouw als zeer belangrijk worden gepropageerd, zijn in mijn ogen van ondergeschikt belang. Ook daar waren de kampioenschappen in Rotterdam een bevestiging van.

De paarden die in de top van het klassement eindigden, waren – met uitzondering van Parzival – paarden die niet het door het KWPN gewenste opwaartse model hebben en in veel gevallen in hun pedigree meer door spring- dan dressuurhengsten werden gedomineerd. Een gevolg van de goede instelling die veel springhengsten hebben?

Rick Helmink, redacteur

4 reacties op “Instelling

  • aalderink

    Helemaal mee eens! Daar komt de degelijkheid vandaan. En een paard moet ook willen presteren. Als ik zoek naar een goed dressuurpaard zie ik graag springbloed in de lijn terug.

  • Alvera

    Ik denk dat juist Roemer in de pedigree van Parcival (vader van de moeder) voor een super karakter heeft gezorgd.
    Roemer komt vaak terug in de lijn van top dressuurpaarden.

  • Karel de Lange

    Een goed achterhandgebruik, waarbij het paard tot een evenwichtig dragen van de massa komt, is het gevolg van het model.

    Een op de voorhandgebouwd paard (racemodel) beweegt ook ook op de voorhand en komt nooit tot een in balans dragen van de massa waarbij het gewicht in de beweging gelijk (50/50) over de dragende benen wordt verdeeld.

    Het lijkt mij derhalve veel meer voor de handliggend dat niet één hengst maar een combinatie van gelijke modellen in de pedigree van deze paarden, waar ook Ulft aan bijdraagt, veel eerder aan de wieg van deze successen staat.

    Een nauwkeurig pedigree-analyse laat namelijk zien dat de pedigrees van de genoemde paarden sterke overeenkomsten toont in de genetische en fenotypische modellen.

    Oberlandstallmeister Dr. Gustav Rau schrijft al in 1909 in “Die Deutsche Pferdezuchten”:

    ‘Men verkrijgt geen rijpaardvaardigheden door toevoer van Engels Volbloed (raceskelet). Allereerst is een uniform type vereist. De bouwstenen bestaan uit een combinatie van lengte- breedte- en hoogte dimensies en de vormen van het skelet. Bij een uniform type, een uniform skelet, uniforme verhoudingen, gelijke voortstuwing- een samenspel van gelijke elementen benodigd voor de verlangde prestaties. Alleen als deze uniforme elementen aanwezig zijn, dan is de hele fokkerij gelijkmatig in de prestatie. Des te meer typen in de fokkerij, des te groter worden de nadelen’.

    Er is in de fokkerij dus niks nieuws onder de zon en men zou er wellicht goed aan doen om deze feiten en kennis wat meer in de fokkerij te betrekken in plaats van op basis van wat modegrillen het wiel opnieuw uit te vinden.

    Als ik namelijk aan de mensen, die propaganderen dat een dressuurpaard lange voorbenen moet hebben, vraag: hoe lang moeten ze dan zijn, kan niemand daar een antwoord opgeven.

    Wie hier meer over weten wil, kan deze link eens nader bekijken.
    http://www.easpstamboek.nl/files/Totilas.pdf

  • Meta

    Beste Rick Helmink
    Zo zie ik graag een trotse houding en een klein beetje arrogantie in de paarden ogen en een dier wat dapper en fier vooruit stapt met een flinke hals en de oortjes erop.Paarden die zelfrespect hebben en schwung in het lijf!Mooie dikke staarten en wild behang….
    Als we denken aan imponeren,, gracieus,machtig , imposant,gretigheid,souplesse en allure dan kunnen we heden ten dage TROTS zijn op onze dressuurfriezen ,die ergens in het verre verleden Andalusisch bloed door de aderen kregen,hetgeen hen gemaakt heeft tot één der veelzijdigste paardenrassen ter wereld.

    Kijk nog eens naar Juan Manuel Munoz Diaz met zijn prachtige Fuego de Cardenas…..
    http://www.youtube.com/watch?v=hx3a4nNO3ak

    Het is zeker vloeken in de kerk 😉 maar sommige dressuurpaarden missen nou net even dat kleine beetje “Iberisch bloed” in hun stamboom en aderen,de kunst en het plezier! (en soms de juiste ruiter)

    Wikipedia:De Spaanse Rijschool is vanwege de eeuwenlange, vaak mondelinge
    overlevering van de oude trainingsmethodes uit de 17e en 18e eeuw, de
    “schatbewaarder” van de zogenaamde Klassieke Rijkunst

    Mooie instelling van ruiter en paard:

    😉

Reacties zijn uitgeschakeld.

Lees ook