Ga naar hoofdinhoud

Moet rijstijlcompetitie worden uitgebreid?

Van: De Paardenkrant
Aan: Edwin Hoogenraat (bondscoach pony’s en jurylid), Rob Ehrens (bondscoach senioren), Steven Veldhuis (springruiter)

De finale van de rijstijlcompetitie pony’s stond in het teken van instructie en opleiding van de jongste generatie ruiters en amazones. In Amerika worden jonge ruiters via equitation competities opgeleid voor de ‘echte’ springsport. Hierbij ligt – net als in de rijstijlcompetitie – de nadruk op correct paardrijden en wordt de moeilijkheid vooral gezocht in technische uitdagingen, in plaats van hoge hindernissen. Moeten we in Nederland als vervolg op de rijstijlcompetitie ook equitation competities invoeren om de rijstijl en rijkunst op een hoger plan te tillen?


opi1- Info@ Foto 1 Edwin Hoogenraat (Large) Edwin:
Ik vind dat eigenlijk wel een goed plan, want in de rijderij worden wel eens wat stukjes vergeten. Daar is zeker verbetering mogelijk. Voor heel jonge kinderen van 8 of 9 jaar oud, vind ik het misschien nog wat moeilijk, maar als ze wat ouder zijn, is het zeker goed. Het is immers noodzakelijk om te investeren in de rijderij van de jeugd, want dat is uiteindelijk het allerbelangrijkste. Daarmee kunnen ze in de toekomst ook gaan winnen.
Ik vind wel dat die rijstijlcompetities echt om rijstijl moeten gaan en dat springfouten dan minder belangrijk zijn. Dat de ruiter of amazone met de beste cijfers ook met een balk nog zou kunnen winnen. Je zou de wedstrijdsport bijvoorbeeld kunnen splitsen in een wedstrijdvorm in bepaalde klassen en een rijstijlcompetitie in die klassen, al is dat misschien wel wat omslachtig.
In Amerika vind ik dat het soms wel heel erg draait om ‘mooi erop zitten’. Houding en zit is natuurlijk heel belangrijk, maar gewoon het rijtechnisch tussen hand en been je paard aan elkaar rijden is minstens zo belangrijk. Het gaat uiteindelijk niet alleen om ‘mooi zitten’, maar om echt paardrijden.


Foto: Arnd Bronkhorst / www.arnd.nl
Foto: Arnd Bronkhorst / www.arnd.nl

Rob:
Daar kan ik mij heel goed mee verenigen. We hebben dit natuurlijk al jaren geleden ingevoerd bij de KNHS-Hartog Lucerne Trophy. In deze competitie worden de combinaties de eerste ronde beoordeeld op rijtechnisch vermogen. Daar was destijds lang niet iedereen het mee eens, omdat ze dan geen barrage kunnen rijden als ze buiten het aantal vallen wat verder mag naar de tweede ronde. Maar je moet duidelijk weten wat je wilt: werken aan de ontwikkeling van het technische gedeelte of barrages rijden.
De jeugd moet leren wat paardrijden is en de barrage is slechts een onderdeel daarvan. Je moet dan ook niet gaan jureren op alleen het mooiste plaatje, maar hoe effectief is het rijden. Je kunt overal cijfers voor geven. Ik denk dan aan een cijfer voor het rijden van de wendingen, mooi gebogen om het binnen been met de juiste stelling en tempo controlerend aan de buitenteugel en een cijfer voor het bepalen van het tempo tijdens het gehele parcours. Verder zouden we zoals in Amerika vastgestelde afstanden kunnen bouwen met daarin vastgestelde aantal galopsprongen, maar daar ben ik zelf niet helemaal voorstander van. De insteek van rijstijl beoordelen moeten we zeker verder uitwerken. Hoe beter de jeugd leert rijden, hoe meer profijt ze daar later van hebben. En een goed fundament neemt niemand je meer af!


Steven Veldhuis (Large)Steven:
Ik denk dat daar heel veel mogelijkheden in zitten. Maar we moeten wel heel goed nadenken wat je dan precies wilt beoordelen. Vaak zie je dat kinderen die heel mooi op de pony zitten al snel een 8 krijgen voor de stijl, maar ik stoor me er dan aan als ze dat krijgen terwijl ze geen meegaande zit hebben en geen onafhankelijke hand, wat juist essentieel is.
Ik vind het belangrijk dat ruiters nadenken over wat ze doen bij het parcours rijden. Geef ze daarom een opdracht mee. Zoals in een lijntje een keer links en daarna een keer rechts laten landen. Ponyruiters zou je tussen twee hindernissen een keer een overgang naar de draf kunnen laten maken en ergens een keer halthouden. Ook vind ik het interessant dat ze op een formulier bij het parcours lopen al zouden aangeven hoe ze willen gaan rijden en dan kijken of ze dat ook zo uitvoeren.
Ik denk dat het voor juryleden veel frisser en leuker is zoiets te beoordelen. Er is een doel met nadruk op controle en het rijtechnische met een onafhankelijke hand en zit. Al met al kun je er veel ideeën op los laten wat je in zo’n proef kunt doen. Ik vind het zeker een goed idee waarbij je het nadenken over het rijden bevordert.

Deze [email protected] verscheen woensdag 1 april 2015 in De Paardenkrant.


Poll

Rijstijlcompetitie moet uitgebreider. Lees meer

Laden ... Laden ...

6 reacties op “Moet rijstijlcompetitie worden uitgebreid?

  • peter

    vind het nog belangrijker om eerst de juryleden beter te scholen. Wekelijks sta ik versteld van de kwaliteit van de B jury’s. Geen touw aan vast te knopen. Daar leren de ruiters ook niets van. Verder gaan veel ammateurs eerder naar het L omdat ze toch geen kans hebben op stijl tegen de profs. Dus zo’n klasse langs het gangbare,ok maar inplaats van,nee.
    Zo jagen we nog meer ruiters naar de manege wedstrijden.

  • Margriet

    Peter slaat de spijker op de kop. In de dressuur is het al onmogelijk voor de juryleden om op één lijn te zitten. Bij het B springen is dit niet anders. Het idee is prima, maar blijkt nu in de B al niet te werken.

  • Marianne

    Het niveau van de B juryleden is bedroevend, laat de ponyruiters dan maar op tijd rijden, dat maakt de wedstrijd ook nog veel spannender. Of laat ervaren springruiters deze rubrieken beoordelen ze hebben er veel meer verstand van als de juryleden die er nu zitten.

  • Albert

    Goedemiddag,

    We kunnen wel op elkaar mopperen dat we het niet goed doen. De ruiter doet zijn best om zo netjes mogelijk te rijden en de jury doet ook zijn best om een juiste beoordeling te geven. Er zullen altijd uitzonderingen blijven!

    Misschien is het iets om een aantal jaren de stijlbeoordeling hetzelfde te houden in plaats van ieder jaar wat anders. Want met elke start van het buitenseizoen is er wel wat anders!

  • eddy crul

    Eén zaak is zeker,hoe mooier er wordt gereden tussen de obstakels,hoe aantrekkelijker het is om naar een springwedstrijd te kijken. Geknoei,gesleur en getrek in de mond plus gebruik van de zweep zal vroeg of laat meer en meer kritiek gaan uitlokken en nefast uitdraaien voor de springsport. Investeren in stijlrijden lijkt mij dus een logische zaak.Moet wel zeggen dat er in de topwedstrijden enorme vooruitgang is gemaakt op dit vlak.vr gr EC

  • Maarten dijkerman

    De vraag vd paardenkrant was moeten we equitation proeven naar nederland halen.
    Uit de reacties tot nu toe behalve steven merk ik dat we niet weten wat die eigenlijk inhouden,want die gaan nl. Wel eventjes een stukje verder dan die hunterrubrieken waar jullie het eigenlijk over hebben.
    Ik zag een finale daarvan met jeugd tot 20jaar.
    Parcours van ong. 1.20m met opdrachten.
    Voorbeeld:op linkerhand van hand veranderen en lijntje springen op de laats te rechts landen en na drie galopsprongen over naar cotra galop,dan twee wendingen en volgende hindernis springen na vijf galopsprongen halthouden drie passen achterwaarts,aanspringen in rechtergalop en in drie (DRIE) galopsprongen dubbelsprong oxer steil!
    Verder nog een x naar draf in uotje kruis oxer,en later nog een x naar draf een boomstam van twee meter breed met daarna een “barrage” wending naar links nog een x nu naar rechts.
    Kortom dit ging wel om reeel paardrijden met als bonus nogeens die mooie houding en zit die ze daar hebben.
    Mag ik voorzichtig opperren dat ik dat de gemiddelde z/zz ruiter in nederland niet zie nadoen?
    Het goede nieuws is echter dat mijn generatie (waaronder bijv.vrieling sr. Zoer sr. Bulthuis sr. Bril sr. Nanning sr. Etc etc.)
    Zijn opgegroeid met de caprilli proef voordat je mocht springen tevens moest je elk nieuw paard wat je wilde staryen eerst weer die winstpunt in dressuur halen.
    Ook kregen wij nog zitlessen op onze clubs niet alleen dressuur maar ook spring zitlessen.
    Al met al hadden wij een betere basis voordat we het parcours ingingen dan tegenwoordig met die gespecialiseerde dressuur instructie die de springles er maar bij doen omdat ze er toch al zijn.
    Dus knhs. Haal die caprilli proef maar terug dat gaat je twee slokken op een borrel schelen.

    Bij de f.n.r.s. Zijn ze hier al langer mee bezig (evenals zitlessen van die “oude” deurne instructeurs) en die ruiters zie je moeiteloos instromen in de bb wedstrijden met hun manegepaard.
    Daarom is het een misser om die bb wedstrijden officieel te maken want nu moeten die gasten eerst een witte broek en rijjas kopen en interressant gaan doen waardoor zij afhaken.
    Voordien zag je een hoop van die mensen enige malen proberen met een soort van vrijheid blijheid mentaliteit en daarna overstappen naar de k.n.h.s.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lees ook