Ga naar hoofdinhoud

Heeft Nederlandse topdressuur vooral behoefte aan een trainer?

Van: Paardenkrant/Horses.nl
Aan: Leunus van Lieren, Tommie Visser en Henk van Bergen

De KNHS is al sinds de Olympische Spelen op zoek naar een bondscoach dressuur. Maar hebben we zo iemand wel nodig? De Nederlandse dressuurtop heeft zijn eigen begeleiding en management meestal wel op orde en in de dressuur is de selectie voor het internationale kampioenschap simpel: de hoogst scorende combinaties vormen het team. Heeft Nederland niet veel meer behoefte aan een goede trainer? Iemand die het hele opleidingstraject aanstuurt en het beste uit de opkomende ruiters haalt?


Van: Leunus 

Leunus van Lieren, dressuurtrainer
Leunus van Lieren, dressuurtrainer

Er wordt inderdaad te weinig geïnvesteerd in de opkomende ruiters. Ik vind dat zij te weinig gecoacht worden, terwijl dat in andere landen wel wordt gedaan. Als we daar in Nederland niet aan werken komen we achterop bij andere landen waar dit volop gebeurt. We moeten ons realiseren dat je niet even snel een topruiter opleidt, daar is heel veel voor nodig. Vanuit dit oogpunt denk ik dat we ze allebei nodig hebben: zowel een bondscoach als een goede trainer. En dat kan ook uitgevoerd worden door twee personen; een bondscoach heeft een wezenlijk ander takenpakket dan een trainer. Een bondscoach moet uiteraard verstand van zaken hebben, maar vooral goed kunnen organiseren, communicatief vaardig zijn, leiding kunnen geven en de selectieprocedure uit kunnen voeren op basis van kwaliteit. Daarnaast zou de KNHS ook kunnen investeren in een trainer die de opkomende Grand Prix-ruiters

vanuit het lagere niveau voorbereidt op het hogere niveau. Als je een combinatie zou kunnen maken van Wim Ernes als bondscoach en Sjef Janssen als trainer, om twee namen uit het verleden te noemen, hoe sterk zou Nederland dan wel niet zijn?


Van: Tommie 

Tommie Visser, dressuurruiter
Tommie Visser, dressuurruiter

Ik ben het niet eens met deze stelling. We hebben wel een bondscoach nodig. Op het moment dat je zelf denkt dat je er bent, ben je naar mijn idee op de weg terug. Als van bepaalde combinaties de scores te dicht bij elkaar liggen, moet een bondscoach ook andere zaken meewegen dan alleen de scores. Een bondscoach zou bijvoorbeeld in ogenschouw kunnen nemen of een ruiter de druk wel goed aankan. Er moet tijd geïnvesteerd worden in de ruiters die er net tegenaan hangen. Alleen lijkt me dat wel veel werk voor één persoon. Hoewel Wim Ernes dat wel altijd deed. Ik vond het leerzaam om iemand te hebben die over mijn schouder meekeek en mij niet als trainer begeleidde. Wim Ernes bekeek mij altijd als jury. Het is ook goed om een frisse technische blik te hebben om zaken te belichten waar je zelf soms niet meer oplet, vooral proefgericht. Zeker als je een vaste trainer hebt. Er zijn altijd dingen die beter kunnen. Vreemde ogen dwingen. Ik vind het belangrijk dat iemand je scherp houdt, kundig genoeg is en met iedereen overweg kan. Iedereen heeft een coach nodig. Zelfs de beste voetballer van de wereld. Het zou toch raar zijn als iemand geen coach nodig zou hebben?


Van: Henk 

Henk van Bergen, dressuurtrainer
Henk van Bergen, dressuurtrainer

Hoe breder de top, hoe groter de keuze is en hoe beter de sport is. In de tijd dat ik bondscoach was, werkte ik al nauw samen met de privétrainers van de ruiters. Wat me toen niet helemaal in dank werd afgenomen door de NHS. De gedachte was namelijk dat de bondscoach de beste was. Heden ten dage heeft een bondscoach een andere functie gekregen, wat eigenlijk meer op een manager lijkt. Wim Ernes is een vijfsterrenjury en hij adviseert als zodanig de privétrainers. Hij is een centrale vertrouwenspersoon die de privétrainers niet overruled. De ruiters selecteren zichzelf wel uit, maar het is de bondscoach die de autoriteit heeft om van deze procedure af te wijken. De Fransen hebben Jean Bemelmans, de Amerikanen hebben Robert Dover en de Duitsers hebben Monica Theodorescu en Johnny Hilberath er als technische staf bij en iedereen heeft dat geaccepteerd. Er is teamspirit. Een bondscoach werkt bijvoorbeeld óók goed samen met de sponsors en de eigenaren van de paarden. Rob Ehrens en Martin Lips zijn ook twee centrale aanspreekpunten in hun discipline met een onvoorwaardelijk vertrouwen naar de ruiters toe. Dat zou ik bij de dressuur ook graag willen zien.

Klik hier om een reactie toe te voegen bij het nieuwsbericht

Deze [email protected] verscheen donderdag 3 november in De Paardenkrant? Sluit dan hier een (online) abonnement af.


Poll

Nederlandse topdressuur heeft vooral behoefte aan een trainer Lees meer »

Laden ... Laden ...
Lees ook