Ga naar hoofdinhoud

Rankingpunten

Wout-Jan van der Schans Eurocommerce Seoul CSI Twente Grote PrijsOp CSI Twente kwamen afgelopen zondag tien ruiters aan start in de Grote Prijs, die vanuit de Global Champions Tour in Monte Carlo werden ingevlogen. Zij hadden zich niet gekwalificeerd voor de Grote Prijs, maar startten wel in deze rubriek. Vanuit de ruiters was hierover de nodige kritiek te horen. Persoonlijk vind ik het voor de sport een zeer slechte ontwikkeling.

Je ziet het de laatste jaren vaker gebeuren dat ruiters zich niet hoeven te kwalificeren voor de Grote Prijs. Zeker door de komst van de Global Champions Tour. Die serie is altijd op zaterdag afgelopen en dit geeft de ruiters de kans om een dag later elders een Grote Prijs te rijden. Ludger Beerbaum reed onlangs zelfs drie Grote Prijzen in een weekend.

Voor ruiters wordt de plaatsing op de FEI-ranking steeds belangrijker. Vroeger maakte het niet zoveel uit of je op plaats 200, 100 of 50 stond. Tegenwoordig mag alleen de top 30 van de wereldranglijst starten in de prestigieuze vijfsterrenconcoursen van de Global Champions Tour. Op zo’n wedstrijd valt niet alleen veel prijzengeld te winnen, er zijn ook veel meer rankingpunten te verdienen. Op een driesterrenconcours krijg je 50 punten bij een overwinning. In een vijfsterrenwedstrijd als Geesteren, of een wedstrijd in de Global Champions Tour, kun je tussen de 80 en 100 punten verdienen. Dat er verschil zit tussen die wedstrijden, is niet erg. Maar dat de top 30 uit de Global Champions Tour in een weekend twee kansen heeft, is niet eerlijk. Zo wordt het verschil tussen de top en de rest van de ruiters steeds groter. Zelf heb ik in tien weken tijd vijf Grote Prijzen gewonnen. Je zou verwachten dat ik op de FEI-ranking gigantisch ben gestegen. Maar ik zit nog steeds rond de 60e plaats.

De wedstrijdorganisatie van CSI Twente kun je het niet kwalijk nemen dat zij ruiters invliegen. Ze willen de besten binnenhalen. Maar Geesteren had een zeer groot deelnemersveld en dat maakt het voor de andere ruiters, die zich wel moeten kwalificeren, extra zuur. Door het toekennen van startplaatsen wordt de sport afgeschermd en eenzijdig gemaakt.

Ik ben eerlijk. Als ik de kans zou krijgen om twee grote wedstrijden in een weekend te starten, zou ik het ook doen. Maar je zou deze mogelijkheid niet moeten krijgen. Een paard kan nu in een weekend twee Grote Prijzen springen. De FEI moet daarom regels opstellen in het kader van het paardenwelzijn. Vanuit de ridersclub hoeven we geen actie te verwachten. Daarin zitten veel ruiters uit de top 30. Zij hebben veel privileges en komen vooral voor zichzelf op. Dat is ook de reden dat ik vijftien jaar terug mijn lidmaatschap heb opgezegd.

Het moet niet zo zijn dat de hoogste ruiter op de ranking niet meer in te halen is. De open strijd maakt de springsport juist zo mooi. Iedereen heeft gelijke kansen en dit levert verrassende winnaars op. Laten we strijden voor een faire competitie in de springsport.

Wout-Jan van der Schans, springruiter
Deze column verscheen vrijdag 1 juli 2011 in De Paardenkrant

Lees ook