De Zweedse onderzoeker Leif Andersson onderzocht met zijn team twee typen paarden speciaal gefokt voor de draverij. De American Standardbred en de Nordic Trotter. Bij beide typen werd DNA-onderzoek verricht dat terugging tot 1950. Het onderzoek wees uit dat paarden met het gen een veel zuiverder draf hebben dan hun soortgenoten zonder het gen. Bovendien wonnen de ‘Gait Keeper-paarden’ twee keer zoveel wedstrijden in vergelijking met hun rasgenoten die het gen niet bezaten.
Volgens Andersson is het gen daarmee niet alleen verantwoordelijk voor de laterale drafgangen, het heeft eveneens invloed op de diagonale drafvormen van een paard. Andersson stelt dat het gen bij de diagonale beenzetting het over willen springen naar galop bij hoge drafsnelheden afremt. Iets dat een cruciaal punt is in de harddraverij en van invloed is op het succes.
Bron: Horses/theHorse
