De ontwikkelingen in bestuurlijk Nederland ten aanzien van de paardenhouderijsector staan niet stil. Regelmatig tref ik een artikel in één van de vele regionale kranten die Nederland rijk is, waarin melding wordt gemaakt van een ambtelijk voornemen om te komen tot een beleid dat is toegespitst op de paardenhouderij (in het buitengebied). Vaak gaan hier maanden van voorbereiding aan vooraf en laat een college van burgemeester en wethouders zich in deze periode door een aantal, binnen de gemeente werkzame, wijze vrouwen en mannen adviseren over de te hanteren werkwijze.Eerst wordt bijvoorbeeld een Taskforce ‘Paardenhouderij in het Buitengebied’ (simpelweg Taskforce) opgericht. Vervolgens wordt een datum geprikt voor de zogenaamde Project Start Up (simpelweg aan te duiden als PSU). Tijdens deze PSU worden de rollen binnen de Taskforce verdeeld en gebrainstormd over de te bereiken doelen (simpelweg aan te duiden als de ‘whiteboardsessies’).
Op basis van de daaruit verkregen informatie kan een projectplan worden opgesteld (simpelweg aan te duiden als het ‘projectplan’), dat weer besproken wordt met de wethouder die Ruimtelijke Ordening en of Ruimtelijk Beleid in zijn of haar portefeuille heeft. Daaruit moet vervolgens blijken of de Taskforce haar werk goed heeft gedaan en er een vervolg aan het project kan worden gegeven (simpelweg aan te duiden als ‘go’ of ‘no-go’ moment).
In geval van een positief besluit, kan er daadwerkelijk gewerkt gaan worden aan het rapport dat richting moet gaan geven aan de besluitvorming over paardenhouderijen in het buitengebied (simpelweg aan te duiden als ‘het beleid’) en zijn de spreekwoordelijk rapen nogal eens gaar!
De vraag is namelijk niet zozeer wat de beste wijze is om het beleid vorm te geven, maar hoe op de meest juiste en praktische wijze de paardenbedrijven binnen de gemeente gecategoriseerd kunnen worden (simpelweg aan te duiden als ‘het probleem’).
Grote stapels papier illustreren de hoeveelheid informatie die nodig is wellicht het beste. Immers, is er één orgaan bekend waarbij met een enkele druk op de knop alle informatie van alle paardenhouders binnen een bepaalde regio of gemeente kan worden aangeleverd? Het antwoord daarop is een onverbiddelijke ‘neen’ en daarmee wordt op schrijnende wijze duidelijk wat de achtergrond is van het hiervoor benoemde probleem.
Want ondanks het oprichten van de Taskforce met de daarop volgende PSU, whiteboardsessie en projectplan die uiteindelijk leiden tot een go-moment en de basis zou moeten vormen voor een eenduidig beleid, is het probleem dat …? Juist ja, dat er bekend is dat er een probleem is, maar er geen informatie beschikbaar is om het probleem om te zetten in meetbare gegevens.
En het ontbreken van deze informatie is daarmee de verbindende schakel tussen de paardenhouder en de gemeente waarbinnen hij zij zetelt. Beiden ondervinden hinder van het ontbreken van een eenduidig beleid en ontkomen daarmee niet aan de problemen die dat met zich mee kan brengen. Het is echter wel zo dat beide partijen een bijdrage kunnen leveren aan een passend beleid en dus ook beiden kunnen profiteren van de daarmee samenhangende voordelen.
En zo zie je maar, het leven is als een pijpkaneel, ieder zuigt eraan en krijgt zijn deel!
Robert van Driesten, rentmeester en eigenaar van Rentmeesterskantoor Drie Zwaluwen, fokker en springruiter
Deze column verscheen vrijdag 16 december 2011 in De Paardenkrant