Catherine Delesalle en haar collega’s deden onderzoek naar dit fenomeen dat in steeds meer landen een risico vormt voor runderen en ook paarden. De onderzoekspopulatie bestond uit 8 veulens. Deze veulens waarbij de waarde aan selenium te laag was werden behandeld met vitamine E en Seleen en de behandeling bleek effectief. Doorgaans is het sterftecijfer bij veulens die de aandoening krijgen 30% tot 45%. In de onderzoeksgroep overleden 2 van de 8 behandelde veulens. Bij een veulen was het veulen al zo verzwakt door de afgenomen zuigreflex dat de eigenaar koos voor euthanasie en een ander veulen overleed twee uur na binnenkomst in de kliniek. De zes veulens die de ziekte overwonnen toonden normale waarden aan vitamine E en Seleen na suppletie.
Steeds groter risico
Delesalle en haar collega’s concludeerden: “Bepaalde regio’s in Nederland met een selenium tekort in de bodem kunnen bij veulens zorgen voor de ontwikkeling van witte spierziekte. Dit in het bijzonder wanneer ze worden gevoed met een dieet dat voornamelijk bestaat uit lokaal geoogst ruwvoer.” Dit probleem wordt steeds groter waardoor er meer aandacht moet worden besteed aan de bodemgesteldheid en de voedingswaarde van het ruwvoer.
Bodem- en ruwvoeronderzoek
Het onderzoeksteam gaf ook enkele tips die kunnen helpen om de uitvoering van een effectieve selenium suppletie te ondersteunen. Zo moet bij paarden voldoende aandacht worden besteed aan de selenium toevoer aan de merrie omdat het ook via de placenta wordt doorgegeven aan het veulen. Daarnaast is bodem- en ruwvoeronderzoek aan te raden waarna benodigde actie moet worden ondernomen zoals behandeling van de bodem of het voeren van extra supplementen aan het paard. Afgezien van de hoeveelheid selenium in de bodem wordt de opname ervan door de gewassen ook bepaald door de algemene bodemgesteldheid. De onderzoekers bevelen aan om iedere vier jaar een algehele bodemvruchtbaarheidsanalyse uit te laten voeren.
Bloedonderzoek bij de merrie
Additioneel kan de seleenwaarde van de merrie via bloedonderzoek worden getest om te bepalen of de waarden voldoende zijn waarbij merries waarbij vermoed wordt dat ze een verminderde leverfunctie hebben speciale aandacht nodig hebben omdat de seleenwaarde ook na extra suppletie laag kan blijven door onvoldoende opname mogelijkheden.
Lees hier het onderzoek.
Het onderzoeksteam bestond uit Catherine Delesalle, Marco de Bruijn, Sanne Wilmink, Hilde Vandendriessche, Gerben Mol, en Berit Boshuizen.
Bron: BMC Veterinary Research / Paardenkrant-Horses.nl
