“Ons systeem lijkt nog altijd veel op het systeem dat ooit geïntroduceerd werd door de Preussische Gestütsverwaltung. Bij de springpaarden bijvoorbeeld keuren we nog altijd hengsten op 2,5-jarige leeftijd op basis van hoe goed ze kunnen vrijspringen of hoe goed de eigenaar ze heeft leren vrijspringen. De goed vrijspringende hengsten worden goedgekeurd. Maar dat is niet ons fokdoel. Ons fokdoel is een paard fokken voor de sport, niet een paard dat goed kan vrijspringen.”
Niet snel of nauwkeurig
“We willen in de fokkerij zo snel mogelijk en zo nauwkeurig mogelijk selecteren. Dat kun je het huidige systeem niet noemen. Pas na een jaar of 15 weten we ongeveer of een hengst een positieve of een negatieve stempel drukt. We hebben dus heel lang nodig om vast te kunnen stellen of we te maken hebben met een goede fokhengst.”
Genoomselectie
Daar komt de genoomselectie om de hoek, aldus Schulze-Schleppinghof. “Ik geloof in genoomselectie in de paardenfokkerij van de toekomst. Met genoomselectie kun je veel sneller en nauwkeuriger zeggen of een hengst relatief gezonde paarden geeft, of ze relatief hoog springen enzovoorts. Het is nu tijd om aan de bal te blijven, anders worden we ingehaald.”
OC(D)
Over de OC(D)-genoomselectie bij het KWPN zegt Schulze-Schleppinghof: “Onze Hollandse vrienden doen ook al wat met genoomselectie en hebben zich sterk gericht op OC(D). De erfelijkheid van OC(D) is maar zeer beperkt. Je kunt daar naar kijken, welke genen daarvoor verantwoordelijk zouden zijn. Maar vervolgens kan een genetisch gezond paard door slechte opfok en weinig beweging toch chips hebben en andersom een paard dat genetisch minder gezond is, door optimale opfok toch goede foto’s hebben. Met de fokkerij kun je daar niet zo snel verbetering in brengen.”
Bekijk de hele presentatie hier:
Bron: Oldenburger Pferdezuchtverband

