Ga naar hoofdinhoud

Praatjes en plaatjes

Opinie
Dodessa (Upperville x Ahoy) - Foto: Rick Helmink

Het Gelderse Paard zit in de lift. Goede veulens op de Dag van het Gelders Paard, internationaal goedgekeurde en erkende hengsten, gebruikers die vragen om een sportief Gelders Paard voor de dressuur- en mensport. Ik ben apetrots als ik zie hoe de fokkerij sinds de oprichting van de categorale regio in 1994 aanzien heeft gekregen.

“Het veelzijdigheidstype heeft bestaansrecht als je het specifieke karakter en gebruik laten prevaleren boven je blind te staren op type en bloedvoering”, onderwees Gert van de Veen mij, toen na heftige discussies het overbodig verklaarde veelzijdigheidstype weer bestaansrecht kreeg onder de naam Basispaard. Gert heeft 25 jaar na de oprichting van de afdeling Gelders Paard gelijk gekregen, al was het een weg van vallen en opstaan, oftewel van vergaarbak naar het exclusieve veelzijdige familie- en sportpaard, waar een tekort aan is.

De ondergang

Maar volgens de Fokkerijraad gaat er iets mis. Zo fout zelfs dat het zo maar eens gedaan zou kunnen zijn met het Gelders Paard. De ondergang – die de gelijkenis met het dressuurpaard heet – is nabij. Daarom werd er actie ondernomen. De Fokkerijraad kwam, gesterkt door input van Facebook, met het idee dat er een prototype moet komen.

Bingokaart

Voor het bepalen van dat type werd hulp ingeroepen. Twintig foto’s van merries werden getoond aan via Facebook en In de Strengen opgeroepen sympathisanten (ik weet niet eens of ze Gelders Paard hebben of lid zijn) en het publiek werd gevraagd een soort bingokaart in de vullen.

Vosblessen met witte benen

Als ideaalbeeld kwamen vier wat ouderwets aandoende vosblessen met witte benen naar boven (naar meer dan kleur kijken is blijkbaar lastig) en de meeste stemmen gingen naar Dodessa. Zo moet het Gelders Paard er voor de toekomst uitzien. Men vergat voor het gemak even hoe deze merrie ontstaan is. Vader Upperville werd met hakken over de sloot als vierjarige goedgekeurd en bij aanvang amper gebruikt, moeder Odessa is van de naar de Gelderse richting overgezette tuigpaardhengst Ahoy. Kortom een verscheidenheid van type en bloed heeft dit prototype op het plaatje gezet.

De markt bepaalt altijd

De Duitse hippisch journalist Gerd Gauger schreef naar aanleiding van het verdwijnen van de Cleveland Bay: ”Er is nog nooit een ras aan verandering van zijn type verloren gegaan, maar wel omdat men het niet aanpaste aan de veranderende economische situatie oftewel de behoefte.”

Nu is die behoefte in veel gevallen een dressuurpaard dat niet veel eisen aan de ruiter stelt, maar dat kan over vijf jaar – om wat voor reden dan ook – een springpaard zijn. De markt bepaalt altijd wat er gefokt wordt. Niet de plaatjes of de praatjes van de Fokkerijraad.

Ria Hekkert, freelance medewerker

Eén reactie op “Praatjes en plaatjes

  • G. van Heijst

    Hallo Ria,

    Je hebt gelijk dat we geen museumpaard moeten fokken, maar een paard voor het gebruik. De kwaliteit van lopen door het lichaam is dan ook belangrijker dan je blind te staren op het type. Door de hoge erfelijkheidsgraad laat het type zich sneller aanpassen dan de kwaliteit van het lopen en karakter.

    Jijzelf hebt altijd in de bijeenkomsten verdedigd dat de fokkerij van het Gelders Paard leentje buur aan linkerkant (tuigpaarden) of aan de rechterkant (rijpaarden) zou kunnen toepassen, als ze maar weer terug zouden komen naar het midden, de fokkerij van het Gelders Paard.

    Zelf ben ik voorstander van een modern Gelders Paard, waarbij de gebruikseigenschappen voorop staan, maar dat wel herkenbaar moet zijn en een eigen identiteit moet hebben. Zonder eigen identiteit ben je namelijk geen speler in de markt. Dan kun je je niet onderscheiden.

    Daar zit nu het probleem. Er wordt op dit moment volop leentje buur bij de rijpaarden doorgevoerd, onder andere bij gebrek aan Gelderse hengsten met een andere bloedvoering. Dit kan niet ongestraft doorgaan omdat de fokkerij dan in zijn geheel afgleidt naar de rijpaardfokkerij.

    Door één op één met de constateringen van dhr Gauger mee te gaan tav de opmerkingen over het Cleveland Bay geven jullie beiden aan geen zicht te hebben op de populatie genetica. Dat is jammer want dat is de basis van waaruit gedacht moet worden. Het probleem in een kleine fokkerij is dat er vaak weinig fokkers zijn, dat het aantal merrielijnen inkrimpt en dat alles aangestuurd wordt vanuit de hengstenkant. Het moet juist andersom, er moeten liefst zo veel mogelijk merrielijnen in de lucht gehouden worden, waarbij het van belang is te zorgen dat kwaliteit voorop staat en die ook belangrijk zijn voor de sturing van de ontwikkeling van de fokkerij.

    Als in een fokkerij steeds lichtere hengsten toegevoegd worden zonder dat er ook hengsten met massa gekeurd worden, dan licht het voor de hand dat de fokkerij massa verliest. Vandaar dat het van belang is om hoe het type er in het midden uit moet zien goed in beeld te brengen, zodat de fokkers een richtpunt hebben en zodat we ook kunnen zorgen voor hengsten met massa om het midden te bewaken, een modern Gelders Paard met goede bewegingen en gebruikseigenschappen.

    m.vr.gr.
    Gerrit

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lees ook