De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) heeft meer duidelijkheid gegeven over de regels die gelden voor particulieren die paarden vervoeren. De verduidelijking is opgesteld in samenwerking met het Ministerie van LVVN en de Sectorraad Paarden (SRP). Vanaf 1 juni 2026 geldt het volgende uitgangspunt: iedereen die een paard vervoert, valt onder de Transportverordening. Er zijn slechts twee uitzonderingen mogelijk (straal 50 kilometer en geen 'economische bedrijvigheid') en dat heeft gevolgen in de dagelijkse praktijk.
In de Europese Transportverordening (Vo. 1/2005) staan regels voor het vervoer van gewervelde dieren, waaronder paardachtigen. De verordening geldt echter alleen voor ‘vervoer dat verband houdt met economische bedrijvigheid’. Maar in de verordening staat geen duidelijke definitie van dit begrip; het gaat om een open norm. Het begrip kan daarom op verschillende manieren geïnterpreteerd worden. Dit gebeurt vooral bij het vervoer van paarden. Naast bedrijven zijn er namelijk ook veel particulieren die een paard vervoeren. Stel dat een particulier zijn paard naar het slachthuis brengt? Is er dan wel of geen sprake van economische bedrijvigheid?
In de praktijk bestond al langere tijd onduidelijkheid over de vraag wanneer vervoer van paarden wordt gezien als economische bedrijvigheid en wanneer niet. De NVWA heeft nu toegelicht hoe de Europese Transportverordening moet worden toegepast.
Twee uitzonderingen: straal 50 kilometer en geen ‘economische bedrijvigheid’
De eerste uitzondering staat in artikel 1 van de Transportverordening, en geldt wanneer iemand een eigen paard of paarden vervoert met een eigen vervoermiddel binnen een straal van 50 kilometer rond het bedrijf. Dan gelden alleen de algemene voorwaarden uit artikel 3 van de Transportverordening. Hierin staat onder andere het verbod om dieren te vervoeren of te laten vervoeren op zo’n manier dat het de dieren waarschijnlijk letsel of onnodig lijden veroorzaakt.
De tweede uitzondering betreft een particulier die zijn eigen paard(en) vervoert naar bijvoorbeeld een wedstrijd, training of buitenrit. Dit wordt niet beschouwd als economische bedrijvigheid. Deze particulier hoeft dan niet aan de Europese Transportverordening te voldoen. Het maakt niet uit hoeveel paarden er worden vervoerd.
De Europese Transportverordening wordt momenteel herzien. Dit zou kunnen betekenen dat de verordening in de toekomst meer duiding geeft aan de open norm ‘economische bedrijvigheid’, aangezien dit begrip de basis blijft voor de reikwijdte van de nieuwe Europese Transportverordening. Zolang deze herziening loopt, is onderstaande de officiële uitleg van het begrip economische bedrijvigheid bij vervoer van paarden.
Volledige transportverordening geldt in veel situaties
De volledige Transportverordening geldt onder meer in situaties waarbij:
- Het paard verblijft op een locatie waar paarden bedrijfsmatig worden gehouden en degene die het paard vervoert is ook (mede-)eigenaar van die locatie.
- Paarden worden vervoerd voor verkoop, lease of verhuur.
- Paarden naar een markt of slachthuis worden vervoerd.
- Sprake is van vervoer van circus- of werkpaarden.
- Gebruik wordt gemaakt van een professioneel vervoersbedrijf.
In deze gevallen kunnen aanvullende verplichtingen gelden, zoals een vervoerdersvergunning, vakbekwaamheidseisen en transportdocumenten.
Vervoer naar het buitenland: basisregistratie vervoerder
Wanneer geen sprake is van economische bedrijvigheid, is bij internationaal vervoer een registratie als vervoerder verplicht. Particulieren die met hun paard naar het buitenland reizen, hebben dan een basisregistratie als vervoerder nodig op grond van de Europese Diergezondheidsverordening (Verordening 2016/429).
Online regelhulp
Om paardeneigenaren te ondersteunen heeft de NVWA een online regelhulp beschikbaar gesteld. Daarmee kan worden nagegaan of sprake is van economische bedrijvigheid en welke regels van toepassing zijn.
Meer informatie en de regelhulp zijn te vinden via de website van de NVWA.
Lees ook:
Bron: KNHS/NVWA/Horses.nl
