Gert van den Hof is een gerenommeerde africhter van jonge paarden en Leon Kuijpers heeft een goede reputatie als het gaat om het opleiden van jonge (spring)paarden. Beide doorgewinterde ruiters hebben de veiligheid bij het trainen van jonge paarden hoog in het vaandel staan. Ze zijn altijd bewust bezig met de veiligheid van zowel het paard als henzelf. Toch is hun aanpak verschillend. Lees hier hun zienswijzen. Ben je altijd bewust met veiligheid bezig?
Leon Kuijpers: “Jazeker, dat heeft altijd mijn aandacht: veiligheid voor zowel ruiter als paard.”
Ook Gert van den Hof geeft aan daar altijd bewust mee bezig te zijn: “Het hoeft maar één keer fout te gaan. Altijd de kop erbij houden, want veiligheid staat voorop.”
Wat is voor jou een veilige omgeving om in te rijden?
Voor Gert van den Hof moeten vooral de wanden van de rijbaan dicht zijn: “Dan kun je niet met een been achter het schot blijven haken als je paard een keer struikelt of tegen de kant aanloopt. Dat heeft mijn broer een keer gehad, dus daar ben ik huiverig voor. In een buitenbak moet de omheining zo hoog zijn dat een paard er niet overheen kan kijken. Als hij tegen de bovenste plank aankijkt, probeert hij er nooit overheen te komen.”
Leon Kuijpers maakt met jonge paarden de eerste sprongen altijd in de binnenbak: “Een rustige en veilig afgesloten omgeving met niet al te veel poespas eromheen, zodat ze niet snel afgeleid zijn. Bovendien rijden we ook bijna altijd met maar één of twee paarden in de piste, zodat er niet te veel paarden rondlopen.”
Longeer je een paard voordat je opstapt?
“Zadelmak maken doe ik niet, dus het ligt er een beetje aan. Ik bekijk het per paard”, vertelt Leon Kuijpers. “In de beginperiode doen we de jonge paarden vaak aan de longe, al is het maar twee minuten. Of het nodig is, zie je snel genoeg bij het opzadelen. Zijn ze gespannen of niet?”
Als expert in het zadelmak maken, heeft longeren voor Gert van den Hof een specifieke functie: “Voordat je erop gaat zitten, moet het paard aan de longe al leren om voorwaarts te gaan. Paarden met vluchtgedrag moet je kunnen remmen en ook dat leer je ze eerst aan de longe. Het paard moet niet aanleren dat hij ervandoor kan gaan door het bit vast te pakken en zich sterk te maken. Als ze dat eenmaal aangeleerd hebben, blijven ze dat de rest van hun leven doen op momenten dat het ze te moeilijk wordt.”
Draag je altijd een cap?
Leon Kuijpers is resoluut in zijn antwoord: “Ik draag echt altijd een cap. Ook verzekeringstechnisch moet dat. Op het moment dat we geen cap dragen, zijn we niet verzekerd.”
“Tegenwoordig wel, maar vroeger nooit”, bekent Gert van den Hof. “Dat ik het nu wel doe, komt door mijn dochters. Die moeten het ook.”
Doe je een touwtje om de hals als extra houvast?
Leon Kuijpers: “We hebben op de jonge paarden altijd een beugelriem om de hals of rijden met een borsttuig. Als er iets gebeurt, kun je jezelf dan even vasthouden en hoef je niet aan de teugels te trekken, waarbij een paard kan omvallen.”
Gert van den Hof gebruikt een variant: “Ik doe nooit een riem om de hals, want als een paard plotseling stopt, ga je met riem en al mee naar voren. Je kunt beter iets vastmaken aan het zadel, want dat blijft altijd op de rug zitten. Aan alle zadels die ik thuis gebruik, heb ik een touwtje bevestigd. Ik maak het touwtje niet vast aan de oogjes aan de voorkant van het zadel, want die knappen snel, maar op de plek waar de beugelriem vastzit.”
Wat is volgens jou een veiligere manier van opstappen? Met of zonder krukje?
Gert van den Hof: “In het begin stap ik liever niet met een krukje op. Het probleem is dat een jong paard vaak niet wil stilstaan. Het draait alle kanten op en als hij op het krukje springt, heb je een groter probleem. In een later stadium train ik ze wel in het opstappen met een krukje, als mensen dat graag willen.”
Leon Kuijpers geeft aan dat hij bij al zijn paarden opstapt met een krukje. “Dat is beter voor de rug van het paard omdat je er minder aan hoeft te hangen en bovendien stap je veel rustiger op. De jonge paarden laten we standaard altijd even vasthouden, ook al zijn ze braaf, zodat dat nooit fout gaat. We gebruiken wel een dicht krukje om te voorkomen dat een paard erin gaat staan. Daar heb ik lang naar moeten zoeken!”
Rijd je met je telefoon op zak?
Leon Kuijpers: “Ja, maar als we op een jong paard zitten of we zitten op een scherpe, dan leggen we de telefoon weg. Telefoneren op het paard is een beetje een trend toch?”
“De telefoon heb ik altijd in mijn zak”, zegt Gert van den Hof vastberaden. “Als er wat gebeurt of je komt te vallen, kun je bellen voor hulp. Dat is belangrijk.”
Zijn er wel eens situaties geweest waarin je voor je eigen veiligheid vreesde?
Gert van den Hof: “Ik heb zeker situaties meegemaakt waarin ik huiverig was voor mijn eigen veiligheid. Bijvoorbeeld als een paard met zijn voor- en achterbeen tegelijk slaat. Dan heb je zo een klap te pakken. En ik heb er ook één gehad die de eerste tien minuten goed liep en vervolgens blokkeerde en zich liet vallen, zelfs bijgezet. Die moet dan eerst maar eens in het span aan het werk, dat is te gevaarlijk.”
“Nee, dat heb ik nog niet echt meegemaakt”, vertelt Leon Kuijpers. “Je moet gevaarlijke situaties zien te voorkomen. Bijvoorbeeld je paard niet overvragen en hem geen dingen laten doen waar hij nog niet aan toe is. Het paard geeft zelf wel aan in welk tijdsbestek hij iets gaat leren of begrijpen. Je moet uitkijken dat je je niet door eigenaren onder druk laat zetten, want juist op de momenten dat je iets forceert, kan het fout gaan. De eigenaar moet durven investeren in de veiligheid van ruiter en paard. En de ruiter gaat bij mij altijd voor.”
Leer je nog steeds van anderen?
“Op het gebied van veiligheid zie ik eigenlijk zelden iemand anders iets doen waarvan ik denk dat ik het thuis ook ga doen”, zegt Leon Kuijpers. “Maar ik zie soms wel hoe ik het niet wil. Dan komen ze met halfwilde paarden op het voorterrein bij een concours en roepen ze ‘pas op, pas op, ik zit er nog maar net op’. Dan denk ik: oefen thuis en val een ander er niet mee lastig! Als je op concours gaat, moet je het voor elkaar hebben.”
Gert van den Hof: “Jazeker, iemand anders kijkt weer anders tegen een probleem aan dan jij. Daar kun je altijd wat van leren.”
Heb je wel eens gedacht: pff dat liep net goed af?
“Soms heb je een engeltje op je schouder nodig”, zegt Gert van den Hof. “Met name onvoorspelbare paarden zijn gevaarlijk. Ik had ooit een paard van mensen die zeiden dat hij achteroversloeg. Ik heb hem eerst gelongeerd en ben er vervolgens op gaan zitten. Er leek niets aan de hand. Toen ik klaar was met rijden, wilde hij ineens niet meer lopen, ik gaf hem been en hij liet zich in een keer achterovervallen. Ik had echt geluk dat hij naast me viel.”
Ook Leon Kuijpers kent dat gevoel. “Ja, dat denk ik regelmatig. Bijvoorbeeld als een jong paard geen balans heeft en struikelt. Het zijn vaak situaties die je niet kunt voorkomen.”
Dit artikel verscheen eerder in De Paardenkrant Extra

