Column Inga Wolframm: Toegankelijk voor wie?

Column Inga Wolframm: Toegankelijk voor wie? featured image
Inga Wolframm

Een manegehouder neemt een moeilijk besluit over een paard. Hij communiceert dat netjes via social media en wordt vervolgens belaagd. Bedreigd. Uitgemaakt voor van alles. Door mensen die hem ervan verdenken dat hij het niet goed voor heeft met zijn paarden. Terwijl die paarden het fundament zijn van zijn hele bedrijf.

Een pensionstalhouder verhoogt zijn prijzen. Niet om er rijker van te worden, maar omdat zij al jarenlang te weinig rekent, de bank geen krediet meer verstrekt en er geen vijfde bijbaan bij kan. Haar klanten noemen het geldklopperij. Zij noemt het: hooi, stro, voer en personeel.

Dit zijn geen uitzonderingen. Dit is het dagelijks leven van de professionele paardenhouder.

Toegankelijkheid als toverwoord

We hebben het in de sector steeds vaker over toegankelijkheid. En dan wordt daarmee vrijwel altijd hetzelfde bedoeld: zo veel mogelijk nieuwe ruiters aan de sport laten beginnen. Drempels verlagen. Iedereen welkom. Dat klinkt sympathiek. Maar het is korte-termijndenken.

Een sector wordt niet toegankelijk door de instroom te verhogen

Een sector wordt namelijk niet toegankelijk door de instroom te verhogen als de basis niet op orde is. Toegankelijkheid zonder infrastructuur is een lekkende emmer. En die infrastructuur wordt gedragen door ondernemers die dagelijks beslissingen nemen op basis van kennis, ervaring en professioneel oordeel. Hetzelfde oordeel waarvoor ze online worden afgebrand.

Het Dunning-Kruger probleem van de paardensector

Paarden roepen passie op. Dat is ook precies wat de sport zo bijzonder maakt. Maar passie en vakmanschap zijn twee verschillende dingen.

De psychologen David Dunning en Justin Kruger beschreven in 1999 iets wat we allemaal herkennen zodra we het zien: mensen met beperkte kennis over een onderwerp overschatten systematisch hun eigen competentie. Wie een beetje weet, weet niet wat hij niet weet, en denkt daardoor nogal eens dat wat hij weet, alles is wat er te weten valt.

Harder schreeuwen wint het van beter weten

Maar er is een tweede kant aan dit effect, en die kennen we minder goed. Mensen met veel kennis en ervaring onderschatten juist zichzelf. Ze weten hoe complex iets werkelijk is, hoeveel er nog onzeker blijft, hoeveel factoren tegelijk meespelen. Dat maakt hen voorzichtiger in hun uitspraken. Genuanceerder. Ze wegen af, houden rekening met meerdere belangen, nemen beslissingen die verder gaan dan het gevoel van dit moment.

En precies die mensen worden overruled. Harder schreeuwen wint het van beter weten. Dat is geen basis voor een toekomstbestendige sector.

Erkenning

We horen regelmatig dat de paardensector professioneler moet worden. Maar laten we eerlijk zijn: in veel gevallen gaat het om erkenning van de professionaliteit die er al is. En om het fatsoenlijk waarderen daarvan, financieel, maar ook in toon en in vertrouwen.

Professional als professional behandelen

Toegankelijkheid betekent dus ook de professional als professional behandelen. Elke beslissing die verder gaat dan de eigen beleving bevragen met de autoriteit van een emotioneel oordeel is geen discussie. Het is ruis.
Een sector die zijn eigen vakmensen ondermijnt, maakt zichzelf kwetsbaar.

Toegankelijk voor wie, precies?

De vraag is dus niet alleen hoe we nieuwe ruiters binnenhalen. De vraag is ook wie we in staat stellen om die ruiters een plek te geven, en onder welke omstandigheden.
Want zonder de manegehouder die een moeilijk besluit durft te nemen, zonder de pensionhouder die een faire prijs vraagt voor fatsoenlijke zorg, is er geen sector meer om toegankelijk te maken.

Inga Wolframm

Lector duurzame paardenhouderij en -sport, Hogeschool VHL

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mogelijk ook interessant