Deja is het paard met de zachtste mond dat ik ooit heb gereden. De enige verklaring die ik kan bedenken is dat ze een keer opzij is gesprongen voor een paraplu. Op het scorebord stond 82,5%… Toen we de arena hadden verlaten was er aan Deja niks te zien. Ikzelf sta volledig achter de bloedregel. Ik heb veel sms’jes en telefoontjes gehad, maar alles wat ik kan zeggen is dat ik niet op kan houden met huilen. Laat me dus alsjeblieft wat met rust. Ik wil Deja bedanken voor een geweldige Kür en Marie Haward, die me altijd steunt. Lyndal, Miss Marie, al mijn supporters, jullie zijn rotsen in de branding. Ook wanneer ik me zo voel zoals nu, houden jullie me nog meer overeind dan jullie je kunnen voorstellen. Ik houd van jullie allemaal, Patrik.’
Als Patrik Kittel deze hartenkreten niet op Facebook had gezet, zou ik hem zeker met rust hebben gelaten. Maar nu de Zweedse dressuurruiter dit met zijn 4994 vrienden heeft gedeeld, voel ik me vrij om een paar kanttekeningen te plaatsen.
Eén van de droevigste dagen uit zijn leven? Patrik heeft kennelijk nog nooit een paard aan koliek verloren. De blessure die Scandic in 2013 maandenlang langs de kant hield en ervoor zorgde dat de KWPN-hengst niet kon deelnemen aan de Europese Kampioenschappen in Herning heeft kennelijk minder indruk op hem gemaakt dan dat ene spatje Deja-bloed.
Adelinde Cornelissen reisde vanwege een soortgelijk spatje bloed voor nop heen en weer naar het WK in Kentucky. Zíj had wat mij betreft een sloot vol mogen huilen, maar focuste zich in plaats daarvan op de Olympische Spelen.
Zoals de oproep om niet aan een roze olifant te denken de aandacht juist versterkt op een roze olifant vestigt, zo onderstreept Kittels post op Facebook alleen maar dat bloed in de mond van een dressuurpaard kennelijk een probleem is. Als dat wondje écht niks voorstelde, waarom dan dit melodrama?
Patrik Kittel had zichzelf en de paardensport een dienst bewezen als hij op Facebook had gezet: ‘Gediskwalificeerd wegens bloedregel. Vette pech. Volgende week gaan we gewoon weer op concours.’
Dirk Willem Rosie, hoofdredacteur ()
Deze opinie verscheen woensdag 18 maart in De Paardenkrant.

Als Kittel zelf met zachte hand zou (los)rijden, dan zou zijn andere topper Scandic niet met blauwe, eruit hangende tong gespot worden op het voorterrein. Waarna hij zelf de tong snel weer in de mond duwt. Bloed in de mond duidt hoe dan ook op spanning, zeker als er met te strakke stang gereden wordt!
De dressuurwereld zit vol met zulke hypocriete uitlatingen.Het wordt tijd dat de dressuurfans beginnen inzien dat de ten onrechte opgehemelde goden van de voorbije jaren van hun troon moeten worden gehaald.En als die goden niet beter gaan rijden moeten zij vervangen worden door combinaties die zich laten zien volgens wat gevraagd wordt door het FEI-reglement.Dat de dressuur in zo een penibele toestand is terecht gekomen ligt niet alleen aan het slaafs gefavoriseerd meelopen van de fans, maar een grote schuld ligt ook bij sommige Media.Reeds jaren lang hemelen sommige media bepaalde personen en ruiters en amazones ten onrechte op tot de godenstatus.Helpen daar dan nog aan mee de hypocriete en ver van de waarheid gespekte commentaren op de grote wedstrijden en indoorwedstrijden.En inderdaad zo is de dressuur uitgegroeid tot een oneerlijk en ongeloofwaardig circus.Daarom is het goed om gegronde kritiek te geven op onze sport en niet alleen op de manier van rijden van sommige goden maar ook op de scheefgegroeide mentaliteit die er in de dressuurwereld heerst.Enkel zo kan de dressuur overleven voor een grotere groep liefhebbers.We moeten dringend de tijd achter ons laten waarin een kleine groep, mede dank zij het jureren,ten onrechte aan de top draait en er ook,ondanks dat ze niet rijden volgens het boekje, aan de top blijven. Daarom vind ik het fantastisch dat de heer Dirk Willem Rosie de moed had dit artikel te schrijven.Allen vraag ik mij af of dit artikel er zou gekomen zijn als de betreffende ruiter een Nederlander zou geweest zijn.
och, dressuurmannen 😉 en melodrama (korreltjes zout pakken)
Sterke reactie Eddy Crul! Helemaal mee eens.