Vroeger zou ik gezegd hebben dat dit binnen Europa een ongeoorloofde vorm van staatssteun is. Dat Deense, Nederlandse en Belgische collega’s door deze Duitse overheidseuro’s op achterstand staan. Maar de tijd dat Duitse fokkers het als een eer beschouwden om op de hengstenkeuring hun topproducten voor een zacht prijsje aan Herr Doktor Landstallmeister te verkopen – die deze hengsten vervolgens weer voor net geld ter dekking aanbood – ligt al ver achter ons.
De vrije markt heeft in de paardenfokkerij al lang gezegevierd. De beste hengsten gaan bijna nooit meer naar Celle of Warendorf. De meeste staatsstoeterijen ontvangen nu hun subsidie voornamelijk nog omdat ze het oude cultuurgoed van een bepaalde landsstreek conserveren.
De foktechnische aftakeling van het staatssysteem kwam op de hengstenkeuring in Oldenburg mooi tot uitdrukking. In de veiling hadden de rijken (Rebecca Gutman van Gestüt Bonhomme, Lone Boegh Henriksen) en de rijke handelaren (Andreas Helgstrand en Paul Schockemöhle) het voor het zeggen. De verschillende Landstallmeisters deden ook hun best, maar als je ziet waar die mee naar huis gingen… Dr. Jürgen Müller van het oostelijke Neustadt-Dosse kocht met behulp van een suikeroom een oogstrelende, maar ook erg trage Damon Hill x Sandro Hit. Een soms telgangende Don Schufro x Romanov staat nu op stal in het Nedersaksische Celle en dr. Astrid von Velsen-Zerweck deed namens Marbach een vergeefse poging om een groot lopende Roi du Soleil aan de Baden-Württembergse haak te slaan.
Oldenburg is nooit aan een staatsstoeterij gelieerd geweest. In deze vrijstaat kraaide de liberale fokkerij dit jaar luider dan ooit victorie. De genetische vooruitgang kwam van een handvol commercieel succesvolle vrije ondernemers. Deze private hengstenhouders namen het hele springpaardenstamboek Oldenburg-International op sleeptouw. Albert Sprehe, Gerd Sosath, Mario Stevens, Paul Schockemöhle, René Tebbel, via hun hengsten, maar opvallend genoeg dit jaar ook met eigen fokproducten, zetten zij Oldenburg weer helemaal op de kaart.
Dit is de trend voor de toekomst. Niet de stamboeken met hun regels en restricties, maar topfokkende hengstenhouders zetten de lijnen uit. Door telkens weer het beste materiaal aan te bieden. In Oldenburg zag je dat het stamboek van de toekomst alleen nog maar een dienstverlener is.
Dirk Willem Rosie, hoofdredacteur ()
Deze column verscheen woensdag 16 november 2014 in De Paardenkrant.

En daar ligt volgens mij ook net de enige rol van een stamboek: Dienstverlening. Geef de fokker een gestructureerde basis om z’n paarden te registreren.
Alsof de fokkers van vandaag de leidende hand nodig hebben van een stamboek…
En met dienstverlening mogen ze gerust wat verder kijken dan hun eigen leden. OLD keuring was weer netjes online te volgen voor iedereen. Daar kunnen welbepaalde stamboeken nog véél van leren.
Nu zijn ze bij OLD wel meesters in het commercialiseren van hun Hengstenkeuring, niet voor niets dat er zo’n opgeklopte prijzen betaald worden door steeds weer dezelfde kopers…
Maarten,
helemaal mee ens
You wrote: Dr. Jürgen Müller van het oostelijke Neustadt-Dosse kocht met behulp van een suikeroom een oogstrelende, maar ook erg trage Damon Hill x Sandro Hit.
—————
Dr. Jürgen Müller heeft goed zijn broek voor het “oostelijke” (wat dat moge betekenen) Neustadt-Dosse op kunnen houden met Quaterback, de Poetins etc. en verrichtingscentrum. En daar hebben subsidies geen bijdrage aan verleend..Die zijn opgegaan aan renovaties van het monumentaal verleden..
Een beetje meer in de historie zou geen overbodige luxe zijn. Dan alleen maar blindstaren op de fake decadentie en de auktions uit Oldenburg.
En dr. Astrid von Velsen-Zerweck..Marbach hoort ook bij de historie met hun Araberfokkerij en verrichtingscentra…..Een echte zieke kip is bv. Warendorf.
Met de beschouwing van Maarten ben ik het op zichzelf wel eens, maar dat de rol van een stamboek- ook in deze tijd- zich zou moeten beperken tot dienstverlening en registreren, lijkt me toch wel erg kort door de bocht. Hengstenkeuringscommissies zijn bijv. toch wel degelijk gelieerd aan een stamboek en hun keuringswerk en visie is toch zeer bepalend voor de kwaliteit van de fokkerij op zowel nationaal als internationaal niveau.
En vanwege het feit, dat juist in de huidige tijd het internationaal niveau leidend is voor kwaliteit en gezonde bedrijfsvoering, kunnen we inderdaad nog veel leren van de diverse Duitse stamboeken zowel op foktechnisch niveau als ook op bedrijfseconomisch niveau.
Mocht je al een gefundeerd oordeel willen geven over de Duitse staatsstoeterijen in relatie tot de huidige paardenfokkerij, dan dan is het toch absoluut wenselijk je te begeven een breder perspectief dan alleen de aankoop van dekhengsten……en zou je wel eens tot de conclusie kunnen komen, dat de staatstoeterijen toch wel degelijk de moderne paardenhouderij dienen op een wijze die helaas in onze nationale paardenhouderij ontbreekt.
Idd Han Coolen, en je vergeet er nog meer dan een handvol. Hij leverde ook de Duitse kampioen bij de vijfjarigen dir jaar, die onverdiend vierde werd in Verden, de hengst Belantis. De vijf gekeurde volle broers van Poëtin, de Samba Hit’s, Quaterdance die dit jaar de Franse én de Belgische titel behaalde bij de vierjarige dressuurpaarden, en springpaarden als Levisto, Kolibri, Askari die allen ontdekt en hun jonge carrière startten in Neustadt. Maar ach.. elk jaar krijgen we wel een columm na de Duitse hengstenkeuringen die aan inhoud te wensen overlaat…
Met alle respect voor de Samba Hit’s, maar waar zijn die geraakt in de sport?
En is iet net dat hetgeen we willen fokken: sportpaarden?
Bij de liberale fokkerij wil ik toch een tweetal kanttekeningen maken. De eerste opmerking betreft het feit dat uw liberale fokkerij misschien toch iets minder liberaal is als u verondersteld. De fokkerijleiding van een stamboek moet namelijk wel erg sterk in zijn schoenen staan om hengsten niet goed te keuren die door bepaalde vooraanstaande fokkers worden ingebracht. Elk stamboek heeft daar altijd mee te maken, maar indien het volledig “liberaal” zal worden is er altijd wel een (kleiner) stamboek te vinden die bepaalde hengsten wil goedkeuren om te overleven. Een andere kanttekening die ik toch wil maken is dat wanneer het alleen dienstverlening wordt er minder geld en energie zal worden gestoken in onderzoek en ontwikkeling. Bijvoorbeeld een project met betrekking tot genomics welke nu loopt bij het KWPN zal minder snel worden uitgevoerd omdat dit toch een bepaalde investering kost. Daarom is het zeer belangrijk dat de fokkerij niet te versnipperd raakt in allerlei liberale stamboeken omdat dit de financiële draagkracht zal ondermijnen en dan met name de vooruitgang op het gebied van de gezondheid van ons paardenbestand.