‘Jong paard moet met onze hulp weerstand opbouwen tegen wormen’

‘Jong paard moet met onze hulp weerstand opbouwen tegen wormen’ featured image
“De eerste levensjaren van een paard zijn bepalend voor het opbouwen van een natuurlijke weerstand tegen wormen”, zegt Lambèrt van Nispen van Mestlab.eu.

Dit jaar viert Mestlab.eu haar 12,5-jarig bestaan. Het bedrijf is inmiddels uitgegroeid tot een modern laboratorium dat zich volledig richt op mestonderzoek bij paarden ter bestrijding van wormen. Het is dan ook niet vreemd dat oprichter Lambèrt van Nispen en zijn team veel kennis hebben over het voorkomen van worminfecties bij paarden. “Het opbouwen van een natuurlijke weerstand in de eerste levensjaren is daarbij essentieel”, begint Van Nispen zijn gedreven betoog.

Natuurlijk mechanisme verstoord

“Heel lang heeft iedereen gedacht dat paarden geen weerstand konden opbouwen tegen worminfecties. Echter uit wetenschappelijke onderzoeken is gebleken dat dit een onjuiste aanname is. Elk paard heeft een natuurlijke weerstand tegen zaken die hem bedreigen. Een worm is een parasiet. Die brengt niks, maar neemt alleen en eet het paard van binnenuit op. Je ziet in de vrije natuur dat een paard zich daartegen wapent, zo eet een paard nooit op plekken waar hij gemest heeft. Hij weet instinctief ook dat wormpjes wel een jaar kunnen overleven. Door een soort ingebouwd computertje in zijn hersenen kan hij een wormbesmetting grotendeels ontlopen. Echter door de manier waarop wij onze paarden houden, op vaak kleine stukken land, wordt dat mechanisme verstoord en daarmee ook de natuurlijke balans. Daarom hebben wij eigenlijk de morele plicht om het paard te helpen om zware wormbesmettingen te voorkomen.”

Een goed begin is belangrijk

Volgens Van Nispen zijn de eerste levensjaren van een paard bepalend voor het opbouwen van een natuurlijke weerstand tegen wormen. “Dat begint al op het moment dat het veulen nog klein is en nog bij de merrie drinkt. Een jong paard kun je helpen bij het opbouwen van zijn weerstand. Je hoeft bij een wormbesmetting niet altijd direct een wormkuur te geven. Een lage besmetting met bloedworm kun je best laten zitten om het paard een kans te geven die eigen weerstand te ontwikkelen. Het bestrijden van wormen moet selectief gebeuren, ook om de ontwikkeling van resistentie tegen wormenkuren tegen te gaan.”
Het ene paard blijkt gevoeliger te zijn voor een wormbesmetting dan het andere. “Vergelijk het met een kind dat zich moet leren te wapenen tegen een verkoudheid of een griepje. De een is er gevoeliger voor dan de ander. We zien wel dat als een paard structureel gevoelig blijkt te zijn voor een wormbesmetting dat vaak terug te leiden is naar het beleid in zijn eerste levensjaren. Daarom is een goede begeleiding in de eerste jaren tijdens de opfok zo belangrijk. Een goede monitoring en begeleiding daarbij zijn essentieel, met mestonderzoek en eventuele wormkuren, toegesneden op het individuele paard.”

Particulieren

Mestlab werkt zowel voor dierenartsen als voor paardenhouders. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de particuliere paardenhouder (tot tien paarden) en professionele paardenhouders. “De particuliere klant maakt twintig procent van de omzet uit, maar is zeer welkom bij ons, want we staan voor een individuele aanpak. De particuliere klant kan via de website diverse monstersets bestellen. Ik beloof nooit dat een klant binnen 24 uur een uitslag heeft. We proberen een redelijke snelheid aan te houden en meestal kan ik met een dag of twee een uitslag sturen met een persoonlijke advies. Dat kan ook ’s avonds zijn of op eerste kerstdag”, lacht Van Nispen. “Voor de particuliere markt hebben we een veulenpakket ontwikkeld. Hierbij gaan we uit van een individuele aanpak voor het veulen en desgewenst ook voor de merrie. Verder bieden we diverse soorten abonnementen aan die het regelmatig monitoren vergemakkelijken.”

Aanpak professionele stallen

“Bij kleine fokkers is een jong paard makkelijker individueel te begeleiden. Bij een groot opfokbedrijf met honderd of tweehonderd paarden praat je over een andere setting. Daar is maatwerk vereist, we werken dan ook niet met standaard lijstjes. Voor de professionele paardenhouder maken we een op maat gemaakt plan van aanpak. Dat plan is zowel pragmatisch als economisch verantwoord en toegesneden op dat bedrijf. We gaan er dan ook naar toe om het bedrijf te leren kennen. Met de kennis over het bedrijf, de omstandigheden en de groepsgroottes maken we een bemonsterplan. Als je een groot opfokbedrijf hebt van honderd of tweehonderd paarden, dan kun je niet elke keer elk paard individueel bemonsteren. Dat is praktisch niet haalbaar. Dat moet verantwoord zijn, we laten er een statistische berekening op los om te bepalen hoe groot de zekerheid c.q. het risico is. Daarna gaan we met dat bedrijf aan de slag. Dat deze aanpak goed werkt, blijkt uit ons grote aantal tevreden klanten. We koesteren onze klanten. Een klant heeft bij ons geen nummer, maar een naam en dat geldt ook voor het paard. Al onze adviezen worden op maat gemaakt. Ik probeer me te verplaatsen in de rijlaarzen of klompen van de klant.”

Diverse onderzoeken

De controle op wormeitjes gebeurt via gericht mestonderzoek dat periodiek moet worden herhaald. “Alle mestmonsters onderzoeken we op de aanwezigheid van bloedworm, spoelworm, veulenworm, lintworm en aarsmade. De bloedworm wordt het vaakst aangetroffen, onmiddellijk gevolgd door de spoelworm. Deze komen vooral voor bij jongere en oudere paarden. Standaard testen we ook op de aanwezigheid van zand. Daarnaast kunnen we op verzoek leverbottesten en longwormtesten uitvoeren. Dat zijn testen die via een andere procedure en met speciale apparatuur eveneens in ons lab worden uitgevoerd.  Longworm wordt nog weleens aangetroffen, maar leverbot zien we gelukkig steeds minder. Ook Habronema, Giardia en Eimeria worden gerapporteerd.”

Alle mestmonsters worden onderzocht op de aanwezigheid van bloedworm, spoelworm (foto), veulenworm, lintworm en aarsmade. Daarbij wordt ook getest op de aanwezigheid van zand.

Verkoop wormkuren

Indien er sprake is van een onacceptabele wormbesmetting, dient een gericht, doeltreffend wormmiddel te worden toegediend. Wormkuren zijn uitsluitend verkrijgbaar op veterinair recept. Mestlab heeft een vergunning om wormkuren te verkopen. “We hebben deze vergunning omdat we onze eigen gespecialiseerde dierenarts hebben. We verkopen ook psyllium om zand mee uit de darmen te verwijderen, maar dat is meer een service naar de klant toe.”

Modern laboratorium

“We hebben een centraal laboratorium in Nederland, vlakbij de Belgische grens. We proberen op ons laboratorium bij te blijven met de meest moderne technieken. We draaien eigenlijk zeven dagen per week, want als er mestmonsters zijn dan werken we door. Mest mag maximaal zeven dagen oud zijn. Als we twijfelen aan de kwaliteit van de mest dan checken we eerst de vitaliteit van het monster. Is die goed, dan gaan we door. Is de mest te oud, dan sturen we een nieuw zakje en vragen we de klant om een nieuw monster toe te sturen. Maar dat gebeurt eigenlijk zelden.”

Mestlab neemt ruim de tijd om een mestmonster te bewerken. “Het kost namelijk ook enige tijd om de eitjes los te weken van de mest. We werken met series van 36 monsters. Die analyseren we, daarna maken we alles weer schoon en beginnen opnieuw. Dat is een hele efficiënte manier van werken. Daarom kunnen we kwaliteit leveren voor een betaalbare prijs. We zijn niet de allergoedkoopste in de markt, maar je betaalt voor het totaalpakket. We beschikken over specialistische kennis die we dagelijks inzetten bij het versturen van individuele adviezen, we versturen geen standaard mailtjes.”

Zes landen

Met de microscoop analyseert Pauline van Nispen-Knols paardenmest op wormbesmettingen.

“Mijn vrouw en ik zijn Mestlab samen begonnen in 2012. Mijn vrouw is instructrice en heeft voordat ze naar Deurne ging de laboratoriumschool gedaan. Ook heeft ze enige jaren op een dierenartsenpraktijk gewerkt. Ik kom zelf uit de voedingsmiddelenindustrie en ik ben geschoold op het gebied van bacteriologie. Vanuit onze achtergronden ontstond onze gezamenlijke interesse om met dit bedrijf te starten. We zijn dus klein begonnen en nu werken we met een team van vier personen; drie in het laboratorium en dan nog een gecertificeerd paardenarts. Wij doen uitsluitend paarden, dat is ons specialisme. We werken inmiddels in zes landen. Omdat we vlakbij de grens zitten, vormen Nederland en België onze thuismarkt. Verder hebben we klanten in Frankrijk, Duitsland, Tsjechië en Zweden. De mestmonsters worden dan vaak per koerier aangeleverd.”
“Ik ben trots op mijn tevreden klantenkring, waar bijna geen verloop in zit. Onze klanten zijn onze beste reclame, dat blijkt, want ons bedrijf groeit gestaag door. En wat wel grappig is, is dat er klanten zijn die in onze beginjaren één of twee paarden lieten testen en inmiddels een professionele stal runnen. We zijn met elkaar gegroeid, dat is wel heel leuk om te zien. Daarom zeg ik ook altijd: koester je klanten en hun paarden!”

Meer lezen over de opfok van jonge paarden? Bestel nu Paardenkrant nr. 23-24 met een speciaal dossier hierover.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Mogelijk ook interessant